Door WereldData · Gepubliceerd op
De naam "Juda" kan in de Bijbel verwijzen naar de aartsvader Juda (de zoon van Jakob) of het kan een vergissing zijn voor Judas Iskariot, de volgeling die Jezus verraadde. De relatie hangt dus af van wie je bedoelt:
Judas Iskariot was een van de twaalf discipelen van Jezus die hem heeft verraden en uitgeleverd aan de religieuze leiders. Dit deed hij door Jezus aan te wijzen met een kus in de tuin van Getsemane in ruil voor dertig zilverstukken.
Joden geloven niet in Jezus als de Messias of Zoon van God vanwege drie hoofdredenen: het uitblijven van de vervulling van messiaanse profetieën, strikt monotheïsme, en een andere invulling van de verlossing. Volgens de joodse Otheo traditie heeft Jezus de verwachte wereldvrede en de volledige bevrijding van Israël niet gebracht.
In de Bijbel lezen we dat de Messias zal komen uit de stam van Juda. Jezus is van het huis van David. En koning David komt uit de stam van Juda, één van de twaalf zonen van Jakob, één van de drie aartsvaders. Juda is de vierde zoon van Jakob en zijn moeder was Leah.
Jezus identificeerde zich door Zijn vleeswording niet alleen tijdelijk met de mensheid. Hij werd voor altijd mens, zonder Zijn identiteit als God te verliezen. Ook Zijn identificatie met het Joodse volk was niet tijdelijk. Hij is voor eeuwig de Leeuw uit de stam van Juda.
Jezus moest uit Juda komen om het Messiaanse koningschap te vervullen.
Juda wordt de stam der koningen, met als hoogtepunt David, aan wie God een eeuwige dynastie beloofde (2 Samuel 7:12-16). Het Nieuwe Testament bevestigt Jezus' identiteit als de beloofde troonopvolger van David: Jezus is "de zoon van David" (Matteüs 1:1).
De Bijbel noemt Jezus heel veel verschillende namen en titels, waaronder Jezus, Christus, Immanuël, Verlosser en Vredevorst. Er is geen vaste lijst van precies vijf namen, maar deze vijf behoren tot de bekendste.
Degenen die beïnvloed zijn door de Joods gewortelde-filosofie leren nadrukkelijk dat we Jezus bij Zijn Hebreeuwse naam moeten noemen – “Yeshua” of “Yehoshua mashiach” (“masjiach” betekent “de gezalfde” en wordt vertaald als “Christos” in de Griekse Septuaginta).
De scepter, ofwel het symbool van het koningschap, werd aan Juda beloofd, wat overeenkomt met de messiaanse profetieën over Jezus, de Koning die uit Davids geslacht zou voortkomen. De beslissing om Jozef niet te kiezen zou ook kunnen wijzen op het idee van goddelijke timing. De vervulling van Gods beloften vindt plaats wanneer Hij dat het beste acht.
Dus Juda was een politieke entiteit in de zuidelijke regio, en Israël was een politieke entiteit in de noordelijke regio. Volgens de bijbel werden ten tijde van David en Salomo de twee politieke entiteiten gecombineerd als een "verenigd koninkrijk", dat over het algemeen Israël werd genoemd.
Ja, seks is in het Jodendom niet alleen toegestaan, maar het wordt gezien als een heilige plicht en een gave van God binnen het huwelijk. Het is geen zonde of iets vies, en het dient zowel voor de voortplanting als voor wederzijdse liefde en plezier.
Jezus had het joodse geloof. Hij was zelf geen christen, maar een Jood die leefde volgens de joodse wetten, tradities en heilige schriften van zijn tijd.
De Thora, evenals de rest van de Tanach (Hebreeuwse Bijbel), zegt niets over Jezus of Maria. Deze teksten werden honderden jaren voor hun tijd geschreven.
Ja, volgens het evangelie van Matteüs heeft Judas zichzelf opgehangen. In Matteüs 27:5 staat dat hij uit berouw over het verraad van Jezus wegging en zich verhing.
Judas beseft dat hij verkeerd heeft gehandeld en keert terug naar de hogepriesters om te verklaren: " Ik heb gezondigd! " Maar er rest hem niets anders dan wanhoop en dood.
Als loon voor zijn verraad kreeg hij 30 zilveren munten die in de volksmond meestal 'zilverlingen' worden genoemd.
Deze stam bracht zowel koning David als koning Salomo voort, en vooral de messias van het christelijk geloof, Jezus Christus. Bovendien vormen de stammen Juda en Levi de gemeenschappelijke genealogische basis van de meeste hedendaagse mensen van Joodse afkomst.
De Stam van Juda (Hebreeuws: יְהוּדָה) is een van de twaalf stammen van Israël, zoals beschreven in de Tenach. Stamvader is Juda, de vierde zoon van Jakob. Samen met de stam Benjamin vormden de nakomelingen van Juda het zuidelijke rijk, oftewel het koninkrijk Juda.
Juda was al vanaf het begin der tijden in Gods gedachten. Hij wist precies wie hij zou worden en wie Hij uit zijn geslacht zou voortbrengen. Hij wist ook al zijn grote, wonderbaarlijke daden, al zijn zonden en zelfs welke van zijn daden in de Bijbel zouden worden vermeld en welke niet.
Als onderdeel van de samenzwering om Jezus Christus te doden, leveren de Joodse leiders Jezus over aan Pontius Pilatus, de Romeinse stadhouder. Pilatus geeft Jezus over om gegeseld en gekruisigd te worden. Jezus ondergaat lijden en dood om de wil van zijn Vader te volbrengen.
Yeshua (Hebreeuws: יֵשׁוּעַ, geromaniseerd: Yēšūaʿ) was een veel voorkomende alternatieve vorm van de naam Yehoshua (יְהוֹשֻׁעַ, Yəhōšūaʿ, 'Jozua') in latere boeken van de Hebreeuwse Bijbel en onder Joodse mensen uit de Tweede Tempelperiode.
Je mag de naam JHWH (Jahweh) niet uitspreken uit diep respect voor de heiligheid van God en uit angst om het derde gebod te overtreden. In de joodse en christelijke traditie wordt de naam daarom vermeden en vervangen door een andere term.
Oorsprong en betekenis van Gods naam "Jehova"
Deze naam komt bijna 7000 keer voor in de Hebreeuwse Geschriften – veel vaker dan welke andere naam of titel dan ook.
Ja, in Nederland mag je je kind de voornaam Jezus geven, hoewel ambtenaren van de burgerlijke stand een naam kunnen weigeren als deze ongepast of kwetsend is. De volledige combinatie Jezus Christus wordt echter wel geweigerd.
Jezus Christus noemde de Heilige Geest 'Geest van de Waarheid' (Johannes 14:17; 15:26; Johannes 16:13) en waarschuwde ons: 'Alle soorten zonden en godslasteringen zullen de mensen vergeven worden, maar de godslastering tegen de Heilige Geest zal de mensen niet vergeven worden' (Matteüs 12:31).