Hoe de foetus (het ongeboren kind) uit de baarmoeder wordt gebracht, hangt volledig af van de duur van de zwangerschap en de gekozen abortusmethode. In medische termen wordt dit weefsel via de vagina uit het lichaam verwijderd.
Na een abortus wordt het vrijgekomen weefsel zorgvuldig opgevangen en verwerkt via een collectieve crematie, medische verwerking of persoonlijke uitvaart. De precieze bestemming hangt af van de zwangerschapsduur en de wensen van de persoon. Abortion Care Europe
Tijdens de eerste twintig weken van de zwangerschap voelt een foetus geen pijn bij een abortus. Pijnbeleving vereist een ontwikkeld bewustzijn en een verbinding in de hersenen die pas rond de 24 weken ontstaat. Abortussen in Nederland vinden in de regel plaats vóór deze grens.
Korter dan 9 weken zwanger
De zwangerschap stoppen kan in de eerste 9 weken met de abortuspil of door wegzuigen. De abortuspil kun je krijgen via een abortuskliniek. Soms kan je huisarts je een recept voor de abortuspil geven. Wegzuigen gebeurt in een abortuskliniek.
Bij een abortus met de abortuspil bestaat de kans dat je een (heel klein) embryo ziet tussen het bloed en ander weefsel dat je verliest. Afhankelijk van de duur van de zwangerschap kun je een klein vruchtzakje met wat weefsel eromheen zien.
U kunt de foetale resten op elk moment van de zwangerschap en ongeacht het type behandeling meenemen en zelf regelen wat ermee moet gebeuren. Dit kan bijvoorbeeld een besloten dienst, begrafenis of crematie inhouden.
Wat gebeurt er met de baby tijdens een chirurgische abortus? Een chirurgische abortus wordt uitgevoerd in een kliniek en omvat het verwijden van de baarmoederhals, zodat medische instrumenten de baarmoeder kunnen binnendringen om de zwangerschap te beëindigen. In een eerder stadium van de zwangerschap wordt een vacuüm gebruikt om de baby uit de baarmoeder te zuigen.
Behandeling bij een miskraam
Zwangerschapsweefsel wordt vaak binnen één tot twee weken vanzelf afgestoten, maar soms zijn medicijnen of een operatie nodig om het weefsel volledig te verwijderen. Er zijn drie opties om de symptomen na een miskraam te verlichten of te behandelen.
De zuigcurettage is een medische ingreep waarbij het baarmoederslijmvlies met een smal buisje wordt weggezogen. De zuigcurettage duurt ongeveer vijftien minuten en wordt onder plaatselijke verdoving uitgevoerd. Je mag iemand meebrengen die jou vergezelt. Na de behandeling rust je nog even uit in het centrum.
Een foetus van 9 weken is ongeveer 2 tot 3 centimeter groot (zoals een druif of framboos) en weegt ongeveer 2 tot 3 gram. Het 'staartje' is verdwenen en het gezichtje krijgt steeds meer vorm: de oogleden, het puntje van de neus en de oortjes zijn nu zichtbaar.
In de meeste gevallen is de weeënpijn doorgaans heviger.
Een van de belangrijkste verschillen tussen weeën en abortuspijn is dat weeën doorgaans intenser zijn. Dit komt doordat de weeën tijdens de bevalling sterker zijn en langer aanhouden.
De nadelen en risico's van een abortus omvatten mogelijke fysieke klachten, een kleine kans op medische complicaties, en emotionele reacties. Een veilige keuze hangt af van de methode (de abortuspil of een behandeling door wegzuigen).
(Om dit onderzoek te bekijken, zoek in de Amerikaanse National Library of Medicine op PubMed.gov naar foetale pijn en foetaal bewustzijn. [1]) Het bewustzijn ontwikkelt zich pas nadat de meeste abortussen hebben plaatsgevonden, dus de meeste abortussen hebben geen invloed op bewuste, voelende foetussen.
Ongeveer 4 tot 6 uur na het innemen van het tweede medicijn zou de zwangerschap via de vagina moeten beginnen af te komen. Als de zwangerschap niet volledig afkomt, heeft u mogelijk meer medicijnen nodig.
Een abortus mag tot het moment dat de vrucht buiten het lichaam zou kunnen overleven. Dit betekent dat een abortus tot de 24e week van de zwangerschap is toegestaan.
Een mislukte abortus, hoewel zeldzaam, is een complicatie van de procedure. De vrouw kan ervoor kiezen om een nieuwe abortus te proberen of de zwangerschap voort te zetten. Kinderen die na een mislukte abortus worden geboren, kunnen afwijkingen aan de ledematen of vingers en andere aangeboren problemen hebben, hoewel er ook een aantal baby's zonder afwijkingen worden geboren.
Om infectie te voorkomen is het advies gedurende 10-14 dagen na de abortus GEEN tampons of menstruatie cup te gebruiken, GEEN vaginale seks te hebben, NIET te zwemmen en NIET te baden. Bij pijn kun je een pijnstiller nemen (500 mg naproxen, 400 mg ibuprofen of 50 mg diclofenac).
Aspiratie-abortussen zijn in 98% van de gevallen succesvol. Bij ongeveer 2% van de vrouwen is een herhaalprocedure of aanvullende interventie nodig. Als de procedure wordt uitgevoerd voordat de zwangerschap zichtbaar is op een echo, kan een bloedtest nodig zijn om het succes te bevestigen. Medicamenteuze abortussen zijn in 95 tot 97% van de gevallen succesvol.
Tussen 7 en 9 weken zwangerschapsduur is er meer kans op overmatig bloedverlies en pijn. Welke medicijnen krijg ik? De behandeling bestaat uit mifepriston (Mifegyne®) 200 mg tablet oraal (via de mond) en misoprostol (Cytotec®) 800 μg vaginaal in één dosis (vier tabletten van 200 μg).
Wachten op een spontane uitstoting is ook mogelijk. Vrouwen die het dode embryo/de dode foetus vasthouden, kunnen ernstig bloedverlies ervaren of een baarmoederinfectie ontwikkelen. Dit zijn zeldzame complicaties.
Wanneer een baby overlijdt in de baarmoeder (intra-uteriene vruchtdood), stopt de zwangerschap. Artsen adviseren meestal om de bevalling binnen enkele dagen medisch op te wekken (in te leiden), omdat het lichaam het vruchtje of de baby vaak niet direct zelf afstoot en langdurig wachten risico's met zich meebrengt.
Soms kan een moeder de bewegingen van haar baby nog voelen nadat het overlijden is vastgesteld. Dit kan gebeuren wanneer de moeder van houding verandert. In dat geval kan de moeder een nieuwe echografie aangeboden krijgen.
Na een abortus wordt het vrijgekomen weefsel zorgvuldig opgevangen en verwerkt via een collectieve crematie, medische verwerking of persoonlijke uitvaart. De precieze bestemming hangt af van de zwangerschapsduur en de wensen van de persoon. Abortion Care Europe
Hoewel de meeste staten de verwijdering van geaborteerd embryonaal of foetaal weefsel niet specifiek reguleren, schrijven sommige staten de begrafenis of crematie van dergelijk weefsel voor. Daarnaast vereisen sommige staten die andere opties voor de verwijdering van medisch afval toestaan, dat zorgverleners patiënten de mogelijkheid bieden om te begraven of te cremeren.
“Baby's overleven abortussen. Ongeacht het type abortus of hun zwangerschapsduur, verdienen deze baby's dezelfde medische zorg als elke andere baby van die zwangerschapsduur. Vrouwen ervaren abortussen die niet volgens plan verlopen, met als gevolg dat een baby levend geboren wordt.