In het jodendom ligt de nadruk op het leven op aarde, maar er is wel geloof in het voortleven van de ziel in Gan Eden (het paradijs), Gehinnom (een tijdelijke zuiveringsplaats) en uiteindelijk Olam ha-Ba (de komende wereld).
Leven na de dood in het jodendom
In het jodendom wordt na de dood het lichaam ritueel gewassen, in een lijkwade gewikkeld en in een eenvoudige kist gelegd. Tijdens de begrafenis, die zo snel mogelijk moet plaatsvinden, wordt gebeden.
De begrafenis
Joden worden traditioneel altijd begraven. Crematie is verboden omdat joden geloven in de kans op lichamelijke verrijzenis. Het lichaam zal volgens het geloof nog nodig zijn in het leven na de dood.
Als een Joodse man of vrouw overlijdt dan worden de handen niet gevouwen maar langs het lichaam gelegd. De overledene wordt zo snel mogelijk met een laken bedekt. Men heeft respect voor de dode en ook voor het feit dat de dode niet meer kan bepalen wie hem/haar mag zien.
Na de begrafenis begint de Sjivve, de 7-daagse rouwperiode. Alle spiegels in huis worden bedekt, men zit op simpele stoelen of kussens en familie en vrienden komen langs om de rouwenden steun te betuigen. Tijdens deze 7 dagen scheren de mannen zich niet, en maken de vrouwen zich niet op.
Ja, seks is in het Jodendom niet alleen toegestaan, maar het wordt gezien als een heilige plicht en een gave van God binnen het huwelijk. Het is geen zonde of iets vies, en het dient zowel voor de voortplanting als voor wederzijdse liefde en plezier.
De 40e dag
Vaak zit er een oude religieuze gedachte achter de rituelen. Zo zijn ze ontstaan. De veertig dagen kwam van het idee dat de ziel van een overledene in het hiernamaals eerst veertig dagen allerlei obstakels moet overwinnen om de weg naar de hemel te vinden en daar zijn plek te vinden.
Joden leggen meer nadruk op het leven in het hier en nu dan het hiernamaals. In de Tora, hun heilige boek, spreekt men nauwelijks over een hemel of een hel. Ook al hebben ze geen officiële leer over de dood, joden geloven meestal wél dat de ziel voortleeft.
Er is geen vast en wetenschappelijk bewijs voor waar we heen gaan na de dood, maar verschillende religies, culturen en wetenschappelijke inzichten hebben hier uitgesproken ideeën over. De drie bekendste perspectieven zijn de Wikipedia over het Hiernamaals, de wetenschap en de oosterse filosofieën.
HET JODENDOM: Volgens de joden was er onder de aarde een plaats waar doden een slecht leven lijden (sjeool). In de sjeool maakt men een keuze: de rechtvaardigen gaan naar het Gan-Eden (het paradijs) en de goddelozen verblijven in de hel (Gehenna).
Het opzeggen van de Shema, het bekendste Joodse gebed, voor het slapengaan kan een goede inleiding zijn op deze gesprekken. Door een Joods tintje toe te voegen aan het einde van de dag, of het nu door middel van gebed, een verhaal of een liedje is, geven ouders kleur en vorm aan het zelfbeeld en de kijk van kinderen op de wereld.
Joden leggen stenen op een graf om te laten zien dat iemand op bezoek is geweest, als teken van blijvend respect, en omdat stenen symbool staan voor de eeuwigheid. In plaats van bloemen die verwelken, kiest men voor een onvergankelijke steen die weer en wind doorstaat.
V: Staat er in de Bijbel dat een man zich moet laten besnijden? A: Nee! Besnijdenis is een gebod voor Joodse ouders, voor een pas geboren zoon die op zijn achtste levensdag wordt besneden (tenzij medische redenen een uitstel eisen).
Hoewel er stromingen binnen het moderne jodendom zijn die een leven na de dood ontkennen, geloven de overgrote meerderheid van het jodendom, de joodse geschiedenis, de joodse theologie en de joden zelf onomstotelijk in olam habah – de wereld die komen zal. Ja, er is een hemel.
Er is geen wetenschappelijk bewijs voor een leven na de dood, maar mensen denken er heel verschillend over. We bekijken dit via de wetenschap, religie en persoonlijke ervaringen.
Bij Joodse begrafenissen worden eenvoudige houten doodskisten gebruikt, zonder metalen onderdelen.
Wanneer een Jood sterft, reciteren de rouwenden het gebed Dayan HaEmet, waarin Gods macht als de ware rechter wordt erkend. Er zijn verschillende rouwperioden, te beginnen met Aninut, de tijd tussen overlijden en begrafenis. Shiva is de periode na de begrafenis, die duurt tot de zevende dag erna.
Na het afscheid. Na het afscheid is er voor de naaste familie een rouwperiode van zeven dagen (de sjiwa). Het is de bedoeling dat gedurende de hele week (of een aantal dagen) bezoekers troost en steun bieden aan de rouwenden.
Jezus als leraar of prediker
Zij zien de historische Jezus als een profeet of prediker met een apocalyptische boodschap. Hij zou nooit gepretendeerd hebben de zoon van God, de messias of een deel van een drie-eenheid van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest te zijn.
Het idee dat de hersenen precies zeven minuten na de dood nog doorgaan met denken of het afspelen van herinneringen is een hardnekkige mythe. In werkelijkheid stoppen bewuste gedachten al binnen enkele seconden nadat het hart stopt en er geen zuurstof meer naar het brein stroomt.
Laatste fase (minuten voor het overlijden).
In de laatste minuten van het leven wordt de ademhaling oppervlakkiger en kan deze helemaal stoppen. De hartslag vertraagt en stopt uiteindelijk. Het lichaam kan reflexmatige bewegingen maken, zoals kleine spiertrekkingen, maar dit zijn geen tekenen van pijn of nood.
Doodgaan vinden veel mensen eng, en dat is heel normaal. Het is eng omdat het onbekend is, je de controle verliest en je niet precies weet wat er daarna gebeurt. Toch hoeft het moment van sterven zelf niet eng of pijnlijk te zijn.
Joden noemen niet-joodse mensen een goj (enervoud) of gojim (meervoud). Dit woord komt uit het Hebreeuws en betekent letterlijk 'volk' of 'andere volkeren'.
Voor het jodendom is Jezus een historische figuur, maar hij wordt niet erkend als de Messias of de Zoon van God. De meeste joodse teksten beschouwen hem als een leraar of rabbi, en sommige latere geschriften, zoals de Talmoed, noemen hem kritisch of zelfs controversieel.
Het belangrijkste verschil tussen het jodendom en het christendom is de rol van Jezus, de opvatting over de Messias en de heilige boeken. Christenen geloven dat Jezus de Zoon van God en de verlosser is, terwijl joden geloven dat de Messias nog moet komen.