Dat staat niet zo in de Bijbel; de tekst in Efeziërs 4:4 spreekt over één lichaam en één Geest (met een hoofdletter voor de Heilige Geest), en niet over een ziel.
De mens: lichaam, ziel en geest
“Toen formeerde de Here God de mens van stof uit de aardbodem en blies de levensgeest in zijn neus; alzo werd de mens tot een levende ziel.” Genesis 2:7. Ons lichaam is gevormd uit stof van de aardbodem en wordt in stand gehouden door wat uit de aarde opgroeit.
Het verschil tussen ziel en geest zit vooral in de persoonlijke gerichtheid: de ziel is je eigen unieke binnenste met je gevoelens en persoonlijkheid, terwijl de geest je diepste levenskracht is die je verbindt met het hogere of het goddelijke. In veel religies en filosofieën worden ze gezien als de onzichtbare delen van de mens, naast het tastbare lichaam.
De ziel is de persoonlijkheid van de mens. De ziel maakt een persoon tot wat hij is, zijn karakter. De scheppingsformule houdt in dat God zijn levensademen (meervoud) in de mens blies, dit is de geest die God de mens gaf. Door het contact tussen lichaam en geest werd de ziel gevormd of geproduceerd.
Zo is het ook met het lichaam van Christus. Wij zijn allen gedoopt in één Geest en zijn daardoor één lichaam geworden; of we nu Joden of Grieken zijn, slaven of vrije mensen, we zijn allen van één Geest doordrenkt. Tegelijk bestaat een lichaam niet uit één deel, maar uit vele.
“Er is één lichaam en één Geest, zoals u ook geroepen bent tot één hoop die bij uw roeping hoort” ( Efeziërs 4:4). In de hele brief aan de Efeziërs probeert Paulus Gods plan te ontvouwen om “alle dingen te verenigen” in Christus (Efeziërs 1:10), een plan om mensen uit alle stammen en talen samen te brengen in onderwerping aan de Heer Jezus.
In Johannes 10 vers 34 antwoordt Jezus de Joden met de vraag: "Staat er niet in uw wet geschreven: 'Ik zei: U bent goden'?"
1 Thessalonicenzen 5:23 zegt: "De God van de vrede zelf zal u geheel heiligen." Hij heiligt ons door zich in ons hele wezen te verspreiden en het te doordringen. Dit proces van heiliging begint in onze geest, gaat verder in onze ziel en omvat uiteindelijk ook ons lichaam.
Je hoger zelf is het deel van je ziel wat niet in je lichaam aanwezig is. Je hoger zelf is daar waar we 'thuis' of 'aan de andere kant van de sluier' noemen: de plek waar we vandaan komen en ook weer naar terugkeren als we dit lichaam achter ons laten.
Geest en Ziel
Ik ben niet de enige, want veel mensen gebruiken de termen door elkaar. Maar vanuit Bijbels perspectief verwijzen ze naar verschillende aspecten van een persoon. In de christelijke leer zijn zowel de ziel als de geest eeuwig, maar de ziel vertegenwoordigt het unieke, bewuste zelf van een persoon, terwijl de geest de verbinding met God is.
De geest heeft een diepere dimensie; de geest heeft een ervaringscomponent die ermee verbonden is. De ziel heeft geen enkele ervaringscomponent die ermee verbonden is, alles komt ervan voort en alles keert ernaar terug, net als de stilte.
Er is geen wetenschappelijk bewijs voor een ziel. Volgens verschillende geloven en culturen verschilt de tijd dat de ziel bij het lichaam blijft, zoals 3 dagen in de antroposofie, 13 dagen in het hindoeïsme of 49 dagen in het boeddhisme.
Johannes 4:24 BB. God is een geest. Als je Hem wil aanbidden, moet je Hem aanbidden met je geest en vol van waarheid."
De Bijbel geeft in verschillende passages aan dat een mens uit drie hoofdbestanddelen bestaat: lichaam, ziel en geest.
Het verschil tussen ziel en geest zit vooral in de persoonlijke gerichtheid: de ziel is je eigen unieke binnenste met je gevoelens en persoonlijkheid, terwijl de geest je diepste levenskracht is die je verbindt met het hogere of het goddelijke. In veel religies en filosofieën worden ze gezien als de onzichtbare delen van de mens, naast het tastbare lichaam.
Psalm 34 is een loflied van koning David over Gods redding, bescherming en de oproep om op Hem te vertrouwen in moeilijke tijden. David schreef de psalm toen hij in levensgevaar was en deed alsof hij gek was om te ontkomen.
In Matteüs 10:28 zegt Jezus dat men bang moet zijn voor hem die in staat is en ziel en lichaam te laten komen in de Gehenna. Jezus roept mensen op om zich te bekeren tot Hem en tot het Rijk van God. Hieruit blijkt dat de menselijke ziel afhankelijk is van God. Er is geen bestaan voor de ziel van zichzelf.
Ze worden (in oplopende volgorde) Nefesh, Ruach, Neshama, Chaya en Yechida genoemd. Wat deze zielsniveaus betreft, stelt de Zohar dat een persoon bij zijn geboorte een Nefesh ontvangt uit de wereld van Asiya, de laagste wereld, die de grootste verhulling van God vertegenwoordigt.
Een oude ziel is iemand met een bewustzijn dat innerlijk wijzer en rijper is dan gemiddeld. De belangrijkste kenmerken zijn een sterke diepgang, hooggevoeligheid en een gevoel van anders zijn.
Wanneer een gelovige sterft, gaat het lichaam het graf in; de ziel en de geest gaan onmiddellijk naar de Heer Jezus in afwachting van de opstanding van het lichaam, wanneer ze herenigd zullen worden om voor eeuwig met de Heer in eeuwige zaligheid te zijn. Helaas vrezen velen dat hun ziel voor onbepaalde tijd op de hemel zal moeten wachten.
Wij mensen bestaan ook uit drie onderdelen: uit een geest, een ziel en een lichaam. Onze geest is ons hemelse deel, dat wat voortdurend in contact staat met God. Onze ziel is ons innerlijk leven: onze wil, ons verstand, ons gevoel. En ons lichaam is ons aardse voertuig.
Ten eerste, dat de individuele ziel van een mens ontstaat op het moment van de conceptie en pas daarna eeuwig is; met andere woorden, ze bestaat niet al vóór de conceptie. Ten tweede, in tegenstelling tot het bovenstaande, dat de zielen van 's werelds grootste spirituele leraren, de stichters van wereldreligies, wél al vóór de conceptie bestaan.
Het leven leiden zoals beschreven in Johannes 10:10 betekent een leven leiden dat toegewijd is aan Christus. Het vereist discipline, voortdurende bekering en een leven geworteld in de Schrift en de sacramenten. Wanneer we voor dit leven kiezen en de vele dieven om ons heen negeren, zullen we zeker een leven van overvloed, hoop en vrede hebben.
27 Hetgeen Ik u zeg in de duisternis, zegt het in het licht; en hetgeen gij hoort in het oor, predikt dat op de daken. 28 En vreest u niet voor degenen, die het lichaam doden, en de ziel niet kunnen doden; maar vreest veel meer Hem, Die beide ziel en lichaam kan verderven in de hel.
34 Jezus zeide tot hem: Voorwaar, Ik zeg u, dat gij in dezen zelfden nacht, eer de haan gekraaid zal hebben, Mij driemaal zult verloochenen. 35 Petrus zeide tot Hem: Al moest ik ook met U sterven, zo zal ik U geenszins verloochenen!