Dat kleine hoedje dat de paus draagt, heet een solideo (ook wel zucchetto, kalot of pileolus genoemd). Het is een rond, nauwsluitend kapje dat boven op het hoofd wordt gedragen.
Redenen die genoemd worden voor het dragen van een keppel: Erkenning dat God "boven" ons is. "Acceptatie" van de 613 mitswot (geboden) "Identificatie" met het Joodse volk.
De paus draagt dagelijks een wit zijden kalotje, de solideo (of zucchetto) genoemd. Tijdens liturgische vieringen draagt hij daarnaast vaak een mijter (of mitra). Vroeger droeg de paus ook de tiara (de pauselijke driekroon), maar dit ceremoniële hoofddeksel wordt sinds 1963 niet meer gedragen.
Het bestaat uit een witwollen band, versierd met zwarte kruisjes, die om de schouders wordt gedragen. Het pallium is soms met kostbare spelden versierd. In de Katholieke Kerk mogen alleen de paus en de metropolieten een pallium dragen.
Een solideo is het kleine bolkapvormig hoofddeksel dat door rooms-katholieke geestelijken wordt gedragen. De Latijnse woorden soli deo betekenen 'alleen voor God'.
Kardinalen en pausen daarentegen dragen zucchettos, wat in het Italiaans 'kleine kalebas' betekent.
De galero was het hoofddeksel dat tot na het het Tweede Vaticaans Concilie (1962-1965) werd gedragen door kardinalen. In het Nederlands wordt de galero 'kardinaalshoed' genoemd. De galero is rood en rond en heeft brede rand. Aan weerszijde van de hoed hangen vijftien kwasten.
De paus verdient 0 euro aan salaris en ontvangt geen maandelijks loon.
De zucchetto is ontwikkeld uit de pileus – een nauwsluitende, randloze hoed die veel door de Romeinen werd gedragen – en wordt waarschijnlijk al sinds de 13e eeuw door geestelijken gedragen. Vermoedelijk werd de muts oorspronkelijk gebruikt om de geschoren hoofden van geestelijken in koude kerken te bedekken.
Camauro. Een camauro is een muts die gedragen wordt door pausen. De muts is gemaakt van met hermelijnbont gevoerd en afgezet satijn, velours of wol. Het Italiaanse woord camauro is afgeleid van het middeleeuws-Latijnse camaurum.
De zucchetto of solideo, officieel een pileolus, is een klein, halfrond, nauwsluitend kerkelijk mutsje dat gedragen wordt door geestelijken van de Katholieke Kerk, de Syrisch-Orthodoxe Kerk en door hoge geestelijken in bepaalde stromingen van het Lutheranisme, het Anglicanisme en het Methodisme.
De gewone kleding van de paus (ook wel huiskleding genoemd), die hij dagelijks draagt buiten liturgische gelegenheden, bestaat uit een witte soutane met aangehechte pellegrina en een gordel van witte franjes (vaak met het pauselijke wapen erop geborduurd), een borstkruis aan een ketting, rode pauselijke schoenen, ...
U herkent de mijter wellicht van uw bisschop, maar ook de paus draagt dit bisschoppelijke hoofddeksel! Mijters hebben de vorm van hoge, puntige hoeden en symboliseren de vurige tongen van de Heilige Geest die met Pinksteren op de apostelen neerdaalden.
Een solideo, pileolus, zucchetto of calotta is een klein zijden hoofddeksel in de vorm van een bolkap, gedragen op de kruin door christelijke geestelijken in de Katholieke, Anglicaanse en Syrisch-Orthodoxe Kerk. Het mag worden gedragen door alle katholieken die de wijdingen hebben ontvangen, van diakens tot de paus.
Het is in oosterse culturen een teken van respect om het hoofd te bedekken (de kerk heeft deze gewoonte omgedraaid en bepaald dat het een teken van respect is om het hoofd te ontbloten en zo is het in westerse culturen de gewoonte gebleven om de hoed af te nemen uit respect).
De keuze voor zijn naam werd voornamelijk geïnspireerd door een andere voorganger: Leo XIII. Die was paus van 1878 tot 1903 en de nieuwe paus bewondert hem om zijn inzet voor sociale rechten tijdens de Industriële Revolutie.
De pauselijke hoed kan verwijzen naar: de pauselijke tiara, een kroon die door pausen werd gedragen van de 8e eeuw tot halverwege de 20e eeuw; de mijter, het traditionele, ceremoniële hoofddeksel van bisschoppen; of de zucchetto, een klein keppeltje dat door geestelijken werd gedragen.
Het lijkt op de zucchetto die door katholieke bisschoppen wordt gedragen. Een christen mag een keppel dragen als hij daar een goede reden voor heeft – bijvoorbeeld als gast in een synagoge of bij een Joodse huiselijke liturgie (zoals een Pesach-seder). Maar hij mag een keppel niet voor eigen, niet-Joodse doeleinden gebruiken.
Sommigen hebben de hypothese geopperd dat de vorm van de mijters die na de val van Constantinopel werden aangenomen, waarschijnlijk was afgeleid van de stemma, de Byzantijnse keizerlijke kroon.
De huidige paus heeft geen kinderen. De paus leeft in het celibaat en mag niet trouwen.
Hij wordt vaak gezien met Rolex-horloges, met name de Day-Date ref. 18038 met een geelgouden kast en een blauwe wijzerplaat met zonnestralenpatroon, vaak gecombineerd met een elastische stalen band die niet op de originele verpakking zit. Hij draagt ook een tweekleurige Datejust. Deze horloges, evenals zijn chique Patek Philippe zakhorloge, zijn vermoedelijk cadeaus.
Ja, een pastoor krijgt een salaris. Dit salaris—vaak 'traktement' genoemd—is gebaseerd op landelijke richtlijnen van de Rooms-Katholieke Kerk en is afhankelijk van opleiding en ervaring. Daarnaast zijn er vaak secundaire arbeidsvoorwaarden, zoals gratis wonen in een pastorie en vergoedingen voor levensonderhoud.
Kardinalen dragen beide hoeden in het rood, wat symboliseert dat elke kardinaal bereid moet zijn zijn bloed te vergieten voor de kerk. (De zucchetto wordt eigenlijk onder de baret gedragen.) Sommige kardinalen dragen ook regionale varianten van de hoed, zoals de Spaanse stijl, die vier punten heeft in plaats van drie.
Kardinalen dragen rode, om precies te zijn scharlaken kleding, als teken van hun bereidheid hun bloed voor de Kerk te vergieten.
Over het algemeen hebben de paus, bisschoppen (inclusief aartsbisschoppen en kardinalen) en priesters een set liturgische gewaden voor het vieren van de mis; koorkleding voor officiële ceremonies, processies en gebruik door niet-celebranten tijdens de mis; en gewone kleding voor alle andere gelegenheden.