De drie golven verwijzen naar de ontwikkeling van de gedragstherapie en cognitieve gedragstherapie (CGT): de eerste golf richt zich puur op waarneembaar gedrag, de tweede op het veranderen van negatieve gedachten, en de derde op acceptatie en mindfulness.
De eerste vond plaats van 1880 tot 1920. De tweede feministische golf was van 1960 tot 1980. Bij de derde golf, in de jaren negentig, is er vaak discussie over of dit wel echt een feministische golf was. Sommige theoretici noemen dit de tijd van het postfeminisme en zien het dus niet als een golf.
Feministen van het eerste uur zagen zichzelf als deel van een 'tweede golf', te onderscheiden van wat zij zagen als 'eerste golf': de vrouwenbeweging in Nederland in de 19e en vroeg 20e eeuw, de tijd van onder andere de strijd voor het vrouwenkiesrecht.
De derde feministische golf is de opleving van een hernieuwde vorm van feminisme vanaf het midden van de jaren 1990 waarbij zelf-ontplooiing, keuzemogelijkheden en discriminerende gebruiken uit nieuwe culturen op de voorgrond staan.
Maar globaal spreken we in het westen van vier feministische golven. De eerste golf betrof het stemrecht voor vrouwen, de tweede golf het zelfbeschikkingsrecht en de derde golf gelijke behandeling van man en vrouw.
De tweede feministische golf was een brede maatschappelijke beweging in de jaren zestig, zeventig en tachtig van de twintigste eeuw. Bekende organisaties uit deze periode zijn Man-Vrouw-Maatschappij en Dolle Mina. De beweging streed voor gelijke rechten op het gebied van werk, seksualiteit en de taakverdeling thuis. Meer informatie en achtergronden zijn te vinden bij Atria.
Waar de eerste golf zich richtte op wettelijke rechten en kiesrecht, daagde de tweede culturele normen en patriarchale structuren uit. De derde golf omarmt diversiteit en intersectionaliteit en erkent de complexiteit van gender en identiteit in de hedendaagse samenleving.
De eerste feministische golf vond plaats tussen ongeveer 1870 en 1920. Feministen streefden in deze periode naar gelijke rechten op gebied van (universitaire) scholing, betaalde arbeid en kiesrecht. De boegbeelden van deze golf waren Aletta Jacobs en Wilhelmina Drucker.
De derde golf wordt herleid tot de televisiegetuigenis van Anita Hill in 1991 voor een volledig mannelijke, volledig blanke Senaatscommissie voor Justitie, waarin zij verklaarde dat rechter Clarence Thomas haar seksueel had lastiggevallen. De term 'derde golf' wordt toegeschreven aan Rebecca Walker, die reageerde op de benoeming van Thomas tot het Hooggerechtshof met een artikel in Ms.
Toch zijn er ook signalen die wijzen op een nieuw soort feminisme, een derde golf. Deze kadert in een snel veranderende wereld getekend door het opkomend neoliberalisme, de toenemende globalisering en de digitalisering.
De tweede feministische golf richtte zich op de juridische, economische en sociale rechten van vrouwen. De belangrijkste prioriteiten waren genderrollen, reproductieve rechten, financiële onafhankelijkheid, gelijkheid op de werkvloer en huiselijk geweld.
Het recht op anticonceptie en abortus, vrouwelijke lustbeleving en lesbische seksualiteit, maar ook de strijd tegen huishoudelijk geweld en verkrachting vormen enkele belangrijke speerpunten van de tweede feministische golf.
Bekende Nederlandse feministen variëren van historische pioniers—die streden voor vrouwenkiesrecht en onderwijs—tot moderne activisten en denkers. Belangrijke namen zijn Aletta Jacobs (eerste vrouwelijke arts), Wilhelmina Drucker (oprichtster Vrije Vrouwen Vereeniging), en Joke Smit (bekend van het essay Het onbehagen bij de vrouw).
De zogenaamde eerste golf duurde van het midden van de 19e eeuw tot 1920. De tweede golf strekte zich uit van de jaren 60 tot begin jaren 80. De derde golf begon halverwege de jaren 90 en duurde tot de jaren 2010. Sommigen beweren dat we momenteel een vierde golf meemaken, die halverwege de jaren 2010 begon en nog steeds voortduurt.
Vierde feministische golf. In de jaren 2010 en 2020 ontstond een nieuwe, vierde feministische golf. Deze golf is sterk gericht op verkrachtingscultuur, ongewenste intimiteit en body positivity.
Historisch gezien wordt het feminisme onderverdeeld in vier golven; de eerste golf richt zich op het stemrecht van vrouwen, de tweede golf bevordert de bevrijding van vrouwen, de derde golf behandelt diversiteit en intersectionaliteit, en de vierde golf streeft ernaar vrouwen te versterken door middel van digitale media.
De tweede feministische golf begon met de oprichting van de Man-Vrouw-Maatschappij (MVM) door Joke Smit. Een jaar later werd Dolle Mina opgericht. Beide groepen maakten zich sterk voor onder andere de afschaffing van wettelijke discriminatie van vrouwen, kinderopvang, vrouwenarbeid en keuzevrijheid bij abortus.
Het juiste antwoord is: De benoeming van Clarence Thomas tot het Amerikaanse Hooggerechtshof. Uitleg: Rebecca Walker, een prominent feministe en schrijfster, stelde dat de benoeming van Clarence Thomas tot het Amerikaanse Hooggerechtshof de derde golf van de vrouwenbeweging op gang bracht.
Postfeminisme ontstaat in de jaren '80 als reactionaire feministische stroming en problematiseert – of wijst zelfs af – dat absolute gendergelijkheid noodzakelijk, gewenst of realistisch gezien haalbaar is. Doorgaans onderscheiden postfeministen zich door seksueel verschil te onderschrijven en te omarmen.
Derde golf: jaren 90 -
Hoewel de vooruitgang van de tweede feministische golf ongetwijfeld meer gelijkheid en rechten voor vrouwen had bewerkstelligd, richtte de beweging die begin jaren negentig ontstond zich op het aanpakken van problemen die nog steeds bestonden, waaronder seksuele intimidatie op de werkvloer en een tekort aan vrouwen in machtsposities.
Activisten organiseerden demonstraties, verspreidden petities en namen deel aan het politieke debat om te strijden voor stemrecht. De aanname van het 19e amendement in 1920, dat vrouwen het recht gaf om te stemmen in de Verenigde Staten, betekende een belangrijke overwinning voor de eerste feministische golf.
Wilhelmina Drucker was één van de eerste Nederlandse feministen. Qua invloed staat Drucker zij-aan-zij met Aletta Jacobs. Toch als we over de 'eerste feministische golf' spreken in Nederland, blijft Drucker vaak onzichtbaar.
Lily Boeykens (Dendermonde, 21 maart 1930 – Antwerpen, 22 november 2005) was een vooraanstaande Belgische feministe van de tweede feministische golf die ook internationaal actief was. Zij heeft als pionier baanbrekend werk verricht op het vlak van de gelijkberechtiging en emancipatie van de vrouw.
Sommigen denken dat we ons nog steeds in de derde feministische golf bevinden, omdat de vierde golf niet zozeer een verschuiving is, maar eerder een voortdurende groei van de beweging. Met de MeToo-beweging en een heropleving van aanvallen op vrouwenrechten geloven velen echter dat we in een nieuwe golf leven.
De eerste feministische golf wordt gedefinieerd als de periode van 1848 tot 1920. Hoewel het begin van deze eerste 'golf' van vrouwelijk activisme begon met de Vrouwenrechtenconferentie in Seneca Falls, New York, die in 1848 plaatsvond, putte deze periode inspiratie uit de Franse Revolutie en de abolitionistische beweging.