De Bijbel ziet verdeeldheid en tweedracht als iets negatiefs dat ontstaat door menselijke zonde, roddel en gebrek aan liefde. Belangrijke oorzaken die de Bijbel noemt zijn:
De vraag is of jij God gehoorzaamt, of jij Zijn Woord aanneemt en accepteert. Dat is de taak voor jou en mij, dan zal God in jou en mij aan de slag gaan en zal Hij eenheid brengen. Ongehoorzaamheid aan God brengt verdeeldheid, gehoorzaamheid brengt eenheid (Psalm 119:74). Gehoorzaam God, gehoorzaam Zijn Woord.
De Bijbel bevat verschillende passages die op het eerste gezicht of inhoudelijk met elkaar in tegenspraak zijn. Deze variëren van historische data en geslachtsregisters tot theologische visies. Hieronder vind je een overzicht van de bekendste voorbeelden, verklaard vanuit verschillende invalshoeken.
Psalm 34 is een loflied van koning David over Gods redding, bescherming en de oproep om op Hem te vertrouwen in moeilijke tijden. David schreef de psalm toen hij in levensgevaar was en deed alsof hij gek was om te ontkomen.
Spreuken 16:3 betekent dat je al je werk en plannen aan God moet geven, zodat Hij je helpt om het goede te doen. De tekst luidt: "Vertrouw bij je werk op de HEER, en je plannen zullen slagen".
Jezus waarschuwt zijn volgelingen dat er vervolging zal komen (Johannes 16:1), en dat die wellicht zeer gewelddadig zal worden (Johannes 16:2). De reden voor deze sombere voorspellingen is om het geloof te versterken. Gelovigen moeten beseffen dat God niet verrast wordt door tegenspoed.
23 Als je een wijs hart hebt, zegt je mond wijze dingen. Je zal steeds goede raad weten te geven. en als medicijn voor het lichaam.
Psalm 42 is een aangrijpend lied over geestelijke dorst, vertwijfeling en intens verlangen naar God. De dichter (een Leviet) bevindt zich in ballingschap of op de vlucht, ver van de tempel in Jeruzalem, en zucht onder de schijnbare afwezigheid van God.
Deze psalm spreekt van de dorst van de ziel naar God, het gestild worden van die dorst door het zijn in Gods aanwezigheid in het heiligdom en de lofprijzing van de ziel volgend als antwoord hierop. De psalm stamt uit de periode in Davids leven toen hij moest verblijven in de woestijn (1 Samuël 23:14; 24:2).
Psalm 132 laat Christus, de Zoon van David, zien als de Koning Die het huis van God gaat bouwen. Psalm 133 laat Christus zien als de Priester Die de Heilige Geest laat werken in het overblijfsel, met als gevolg dat de vijandschap tussen het tweestammenrijk en het tienstammenrijk voorgoed voorbij is.
Volgens de Bijbel (Spreuken 6:16-19) zijn er zeven dingen die God haat en een gruwel voor Hem zijn: hoogmoedige ogen, een leugenachtige tong en handen die onschuldig bloed vergieten.
Er is geen sluitend wetenschappelijk of filosofisch bewijs dat God niet bestaat. Omdat de meeste opvattingen over God verwijzen naar een entiteit of kracht buiten onze fysieke werkelijkheid, kan God niet direct in een laboratorium worden getest of weerlegd.
Overspel is een Bijbelse grond voor echtscheiding. Daar is de Bijbel duidelijk over. Overspel is zo'n vergaande vorm van ontrouw dat de unieke eenheid tussen man en vrouw gebroken wordt als daar een derde tussen komt. Let wel: als er overspel heeft plaatsgevonden hoeven man en vrouw niet te scheiden.
Verdeeldheid en onenigheid komen NIET van God. Degenen die Gods kerk proberen te verdelen, zullen door Jezus worden aangepakt. Het is jammer om te zien dat zoveel mensen een hart vol verdeeldheid hebben. Roddelen, laster, haat, jaloezie, afgunst, hebzucht, dat komt allemaal van Satan, niet van God.
Jezus zegt ons om de andere wang toe te keren
Maar als iemand je op de rechterwang slaat, keer hem dan ook de andere toe. Voor veel mensen is dit duidelijk. Jezus zegt ons om de kwade niet te weerstaan en als we worden aangevallen, geven we hem de andere wang. Daarom is zelfverdediging niet toegestaan.
Paulus merkt in elk geval op dat niet alles aan verdeeldheid in de kerk slecht is. "Er moeten facties onder u zijn, opdat degenen die oprecht zijn, herkend worden" (vers 19). Verdeeldheid en meningsverschillen in de kerk, hoe betreurenswaardig ze ook mogen zijn, hebben een positieve kant.
Johannes 16:23-24 NASB " Op die dag zult u Mij nergens meer over ondervragen. Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: als u de Vader om iets vraagt in Mijn naam, zal Hij het u geven. Tot nu toe hebt u niets in Mijn naam gevraagd; vraag en u zult ontvangen, zodat uw vreugde volkomen zal zijn."
Bewaak je hart beter dan alle andere dingen. Want in je hart is de bron van het leven. Zorg dat je mond geen verkeerde dingen zegt en dat er geen leugen over je lippen komt.
Spreuken 16:18 zegt: "Hoogmoed komt vóór de val, een trotse geest vóór de ondergang." Dit Bijbelvers waarschuwt voor de gevaren van hoogmoed en arrogantie. Het suggereert dat hoogmoed vaak tot iemands ondergang leidt.
In 16:13 combineert het werkwoord dat gebruikt wordt voor de handeling van de Geest om te ‘leiden’, hodegeo, het zelfstandig naamwoord hodos (‘weg’) met het werkwoord ago (‘brengen, leiden’). Door ons te leiden ‘in alle waarheid’, waarbij ‘waarheid’ de openbaring van God is die gevonden wordt in en door Jezus, zal de Geest ‘de weg banen’. Dat de Geest spreekt ‘wat Hij hoort’ (v.
De woorden van Christus in Johannes 16:8-11 verklaren de bediening van de Heilige Geest, namelijk het overtuigen van anderen. Als onderdeel van Jezus' laatste instructies aan zijn discipelen waren deze woorden bedoeld om hen gerust te stellen dat ze hun verantwoordelijkheden niet op eigen kracht zouden hoeven uit te voeren.
In 16:12 verklaart Jezus dat hij niet genoeg tijd heeft om alles te zeggen wat hij zou willen tegen zijn volgelingen, en dat zij niet in staat zijn om het te horen. Opnieuw wordt hun de belofte van een toekomst met het betrouwbare getuigenis van de Voorspreker gedaan. "Het zal net zijn alsof ik er ben," zou Jezus net zo goed kunnen zeggen.
Psalm 77 is een intense klaagpsalm van Asaf waarin de dichter worstelt met diepe twijfel en het gevoel door God verlaten te zijn. Hij vindt geen troost, schreeuwt het uit en piekert. De ommekeer komt wanneer hij Gods grote daden uit het verleden (de uittocht uit Egypte) gedenkt en beseft dat Gods wegen soms ondoorgrondelijk zijn, maar altijd leiden.
In Psalm 109 horen we over het lijden van Christus en in Psalm 110 horen we over de verheerlijking van Christus. In Psalm 109 bidt Christus als de lijdende Knecht van de HEERE om verlossing; in Psalm 110 antwoordt God Hem door Hem uit de dood te verlossen en te verhogen (vgl. Hb 5:7-10).
De psalm is het gebed van een man die onophoudelijk lijdt. Hij klaagt over de vreselijke, harde verdrukking die hem aan de rand van de dood brengt. Toch heeft hij dag en nacht de HEERE aangeroepen. In de toepassing van deze psalm op Christus zien we het lijden dat Hij vanwege de vloek van de wet ondergaat.