Ja, volgens het christendom kwam de Messias (Jezus) vóór de verwoesting van de tweede tempel, terwijl het jodendom leert dat de komst van de Messias nog moet plaatsvinden. De Tweede Tempel werd in het jaar 70 na Christus verwoest door de Romeinen.
Orthodoxe Joden zien de messias als een toekomstige, menselijke leider die vrede en gerechtigheid brengt en het Joodse volk verzamelt. Voor progressieve joden is de messias eerder een symbool van een wereld waarin gerechtigheid en vrede heersen.
Vlak voor het Joodse Paasfeest ging Jezus naar Jeruzalem. In de tempel zag hij handelaars die geld wisselden en mensen die koeien, schapen en duiven verkochten. Toen maakte Jezus van een stuk touw een zweep, en daarmee begon hij iedereen weg te jagen. Alle koeien en schapen jaagde hij de tempel uit.
David zei: 'Ik wilde graag een tempel bouwen voor de Heer, mijn God. Maar de Heer zei tegen mij: 'Jij hebt veel mensen gedood, en grote oorlogen gevoerd. Daarom mag je geen tempel voor mij bouwen. Maar je zult een zoon krijgen die Salomo zal heten.
Er is een schaalmodel gemaakt van de te bouwen Derde Tempel, te zien op thirdtemple.org. Men is van plan om dit schaalmodel vanaf 2025 neer te zetten in een bezoekerscentrum dat bij de Tempelberg gebouwd zal worden. Het bouwen van de Derde Tempel zal zo'n 5 tot 7 jaar in beslag nemen.
Het Tempelinstituut, de zelfbenoemde "Tempelbergadministratie" en de Beweging van Gelovigen van de Tempelberg en Eretz Yisrael stellen alle drie dat hun doel is om de Derde Tempel op de Tempelberg (Berg Moria) te bouwen.
Tweede Tempel
Onder leiding van Zerubbabel werd op de plaats van de oude tempel een nieuwe tempel gebouwd. Volgens het Bijbelboek Ezra was deze tempel veel bescheidener van omvang.
Toen wendde koning David zich tot de hele vergadering en zei: ‘Mijn zoon Salomo, die God duidelijk heeft uitgekozen als de volgende koning van Israël, is nog jong en onervaren. De taak die voor hem ligt is enorm, want de tempel die hij zal bouwen is niet voor gewone stervelingen, maar voor de Heer God zelf!’
Het bestaan van koning Salomo, evenals zijn vader David, werd tot 1993 als fictief beschouwd.
In de medische literatuur wordt gesuggereerd dat koning David (ca. 1040-970 v.Chr.) in de laatste periode van zijn leven leed aan dementie, osteoporose, hyperparathyreoïdie, de ziekte van Parkinson, autonome neuropathie, ernstige depressie en een kwaadaardige aandoening.
Volgens de Bijbel speelt Israël in de eindtijd een centrale rol die wordt gekenmerkt door het herstel van het Joodse volk in het land, grote wereldwijde spanningen rondom Jeruzalem en uiteindelijk een geestelijke omkeer bij de wederkomst van de Messias.
Zijn ouders, die hadden aangenomen dat hij bij andere familieleden was, worden ongerust en keren terug naar Jeruzalem om hem te vinden. Uiteindelijk vinden ze hem in de tempel, in gesprek met de leraren en hen verbazend met zijn begrip. Jezus antwoordt door te zeggen dat hij bezig moet zijn met het werk van zijn Vader.
De tien beroemdste uitspraken van Jezus zijn de Gulden Regel, "Ik ben de weg, de waarheid en het leven" en "Heb je vijanden lief". Deze citaten komen uit de evangeliën in de Bijbel.
Men moet niet de gedachte koesteren dat de Messias-koning wonderen moet verrichten, nieuwe verschijnselen in de wereld teweeg moet brengen, doden moet opwekken of andere soortgelijke daden moet verrichten. Dit is [absoluut] niet waar.
Joden geloven niet dat Jezus de Messias is omdat hij de theologische verwachtingen uit de Hebreeuwse Bijbel niet heeft vervuld, zoals het brengen van wereldvrede, het herbouwen van de tempel en de hereniging van het Joodse volk.
Het toonde Jezus ook als de vervulling van Jesaja's profetie over de komst van de Heer: "En wanneer Hij komt, zal Hij de ogen van de blinden openen en de oren van de doven ontstoppen. De lammen zullen springen als herten, en zij die niet kunnen spreken, zullen juichen van vreugde!" (Jesaja 35:5-6).
Het Bijbelse verhaal van David en Jonathan wordt door sommigen gelezen als het verhaal van twee geliefden. Al in 1978 betoogden verschillende theologen dat het verbond en de diepe band tussen David en Jonathan een Bijbelse basis zouden vormen voor het homohuwelijk.
Er lag een man die al 38 jaar ziek was. Jezus zag de man liggen en wist dat hij al lange tijd ziek was. Jezus vroeg de man: 'Wil je genezen worden?' De zieke antwoordde Jezus: 'Heer, ik heb niemand die me in het bad kan leggen als het water in beweging komt.'
1 - 9 De zonen van David
4 Zes [zonen] zijn hem in Hebron geboren. Hij regeerde daar zeven jaar en zes maanden. Drieëndertig jaar regeerde hij in Jeruzalem. 5 Deze [zonen] zijn hem in Jeruzalem geboren: Simea, Sobab, Nathan en Salomo.
Salomo gaat andere goden vereren
Hij begon Astarte te vereren, de godin van het volk van Sidon. En hij ging Milkom vereren, de afschuwelijke god van het volk van Ammon. Salomo deed dingen die de Heer slecht vond. Hij was niet trouw aan de Heer, zoals zijn vader David.
Koning Salomo had duizend vrouwen, lezen we onder andere in Hooglied 8. Om precies te zijn: 700 vorstinnen en 300 bijvrouwen.
Hierop werd hij voorgesteld aan Saul, die hem zijn wapenrusting gaf. Deze was te groot en zwaar voor David, dus hij koos voor zijn slinger, een wapen waarmee hij al leeuwen en beren had gedood die zijn schapen wilden opeten. Hiermee doodde hij Goliat (1 Samuel 17).
Aanvankelijk keurt Nathan het idee goed, totdat God tot hem spreekt in een droom. God draagt David vervolgens op geen tempel te bouwen, omdat God zegt dat hij die niet nodig heeft. In plaats daarvan zal God een huis (dat wil zeggen een koninklijke dynastie) bouwen uit Davids nakomelingen, een huis dat voor eeuwig zal bestaan.
De Bijbel legt nergens een verband tussen het tijdstip van de opstanding (opname) en de start van de bouw van de tempel in Jeruzalem, behalve dat de opstanding vóór het begin van de verdrukking moet plaatsvinden, omdat de Schrift stelt dat tegen het midden van de verdrukking de tempel gebouwd en ontwijd zal zijn door de ...
De rest van de passage van vandaag beschrijft het paleis van Salomo, een bouwwerk dat veel groter was dan de tempel en uit verschillende gebouwen bestond (vv. 2-12).