Door WereldData · Gepubliceerd op
Ja, er zijn historisch en in het nieuws wel gevallen bekend van mensen die ten onrechte doodverklaard en naar een crematorium of tempel gebracht zijn, maar gelukkig werden de velen in de moderne tijd net op tijd gered voordat de feitelijke verbranding begon.
We hebben er allemaal wel eens over nagedacht. Wat als ik nog leef als ik begraven of gecremeerd word? Voor sommige mensen is dit een serieuze angst, en het horen van willekeurige verhalen over mensen die dit daadwerkelijk hebben meegemaakt, helpt daar niet bij. Gelukkig is het vrijwel onmogelijk om levend gecremeerd te worden.
Ja, het levend begraven van mensen is door de geschiedenis heen op verschillende manieren voorgekomen, hetzij per ongeluk (na een foutieve doodsverklaring), als vorm van straf, of vrijwillig als stunt.
Er is geen hard en onbetwist wetenschappelijk bewijs voor leven na de dood. Wel doen onderzoekers en artsen al jaren studie naar aanverwante fenomenen.
Een vrouw die dood gewaand werd en op het punt stond gecremeerd te worden in een boeddhistische tempel aan de rand van Bangkok, Thailand, is levend aangetroffen door personeel. Pairat Soodthoop, algemeen directeur van de Wat Rat Prakhong Tham-tempel, schrok toen hij een zacht klopje van de kist hoorde, vertelde hij aan persbureau Associated Press.
Na ongeveer tien tot vijftien jaar bereikt het ontbindingsproces vaak een stadium waarin skeletresten zoals botten, tanden en haar het meest voorkomen. In sommige gevallen kunnen, afhankelijk van de begrafenisomstandigheden en de gebruikte materialen, nog kleine hoeveelheden weefsel of kledingvezels aanwezig zijn.
Het idee dat de hersenen precies zeven minuten na de dood nog doorgaan met denken of het afspelen van herinneringen is een hardnekkige mythe. In werkelijkheid stoppen bewuste gedachten al binnen enkele seconden nadat het hart stopt en er geen zuurstof meer naar het brein stroomt.
Wetenschappelijk en medisch gezien kan een overleden persoon ons niet zien, omdat de hersenen en zintuigen na de dood stoppen met werken. Er is geen bewijs voor.
Niets… Geen enkel deel van het menselijk lichaam blijft “levend” of functioneel 7 dagen na de dood. Hoewel individuele cellen, zoals huidcellen, hoornvliescellen en witte bloedcellen, nog enkele uren tot een paar dagen (tot 3 dagen) na het stoppen van het hart levensvatbaar kunnen blijven, stopt alle biologische activiteit ruim vóór een week.
In een standaard houten kist verloopt het ontbindingsproces globaal als volgt: Na 3 tot 6 maanden: Zachte weefsels zijn grotendeels afgebroken. Na 1 jaar: Het lichaam ziet er aanzienlijk anders uit; voornamelijk botten en huid resten. Na 5 jaar: Alleen botten, tanden en haar blijven over.
Op paaszaterdag 13 april 1974 liet gepensioneerd mijnwerker Louis Luypaerts zich drie meter diep begraven in een kist van 350 Kilogram in Hechtel-Eksel. Luypaerts lag 101 dagen en 37 minuten in zijn graf. Het record beroerde in die tijd heel Vlaanderen.
Volgens dit boek produceert een gemiddelde volwassene 200 ml CO2 per minuut, dus het zou iemand honderd minuten kosten om zichzelf in de doodskist te verstikken. Als je korte verhaal draait om deze begrafenis als plotpunt, is 'Honderd Minuten' misschien geen slechte titel.
Bij het Laatste Oordeel zal iedereen naar de eeuwige heerlijkheid of naar de eeuwige straf gaan. Naar de hemel gaan hangt niet af van hoe iemand begraven wordt – of zelfs of het graf van die persoon nog te vinden is.
In een mortuarium dat 's nachts open is, is het bedekken van het gezicht voordat de kist wordt gesloten een standaardprocedure om de waardigheid en het respect voor de overledene te bewaren. Het draagt ook bij aan een vredige uitstraling en kan deel uitmaken van de voorbereiding door het uitvaartpersoneel of de mortuariummedewerkers.
Mensen hebben geen recht op een crematie, in alle omstandigheden. Soms kan het feitelijk gewoon niet en dan houdt het op. Een heel zwaarlijvig persoon past ook niet zomaar in een standaardgraf. Maar men kan een graf makkelijker aanpassen dan een oven.
Het raam openzetten na een overlijden komt door een oud volksgeloof dat de ziel zo naar buiten kan vliegen, maar het helpt in de praktijk ook om de kamer fris te houden. Het is geen verplichte regel, maar een persoonlijke keuze of gewoonetraditie.
Een overleden lichaam begint door bacteriën en gassen doorgaans binnen 24 tot 48 uur merkbaar te ruiken, afhankelijk van de warmte in de ruimte. Binnen een paar uur na het overlijden ruik je het lichaam zelf nog nauwelijks, al kunnen vrijgekomen lichaamsvloeistoffen wel direct een geur afgeven.
Het is beter om bij een crematie geen "rust zacht" of "rust in vrede" te gebruiken. Volgens de uitvaart-etiquette vermijd je bij een crematie woorden met "rust" of "rusten", omdat dit door het vuur en de fysieke verbranding pijnlijk of ongepast kan overkomen op nabestaanden.
Na het overlijden begint in feite al direct het ontbindingsproces. Dit ontbindingsproces gaat in de eerste weken heel snel. Wat uiteindelijk doorgaat tot ongeveer tien jaar na de begrafenis. Het proces gebeurt door bacteriën die altijd al aanwezig zijn in het lichaam en een rol spelen bij de spijsvertering.
De hersenen en zenuwcellen hebben een constante toevoer van zuurstof nodig en sterven binnen enkele minuten af zodra je stopt met ademen. Daarna volgt het hart, de lever, de nieren en de alvleesklier, die het ongeveer een uur volhouden. Huid, pezen, hartkleppen en hoornvlies blijven na een dag nog intact.
Orgaanconservering
Harten en longen moeten binnen ongeveer vier uur na verwijdering uit de donor worden getransplanteerd. Levers kunnen 12 tot 18 uur bewaard worden; een alvleesklier 8 tot 12 uur; darmen ongeveer 8 uur; nieren 24 tot 48 uur.
Vlak voordat mensen overlijden, verandert hun lichaam en gedrag zichtbaar door een verminderde werking van de organen. Drie veelvoorkomende tekenen in deze laatste fase zijn minder eten en drinken, diepe slaperigheid en een veranderde ademhaling. U kunt meer achtergrondinformatie vinden via Over Palliatieve Zorg of advies lezen op Thuisarts.
Antwoord: Nee. De doden kunnen geen contact leggen met de levenden, noch weten ze wat de levenden doen. Ze zijn dood. Hun gedachten zijn vergaan (Psalm 146:4).
Zelf contact maken met een overleden dierbare kan op een persoonlijke en rustige manier door in gedachten te spreken, een herinneringsplek te creëren of te letten op kleine tekens. Er is geen wetenschappelijk bewijs voor dit contact, maar veel mensen ervaren het als troostrijk tijdens de rouw.
Of er na de dood niets is of juist wel, blijft een van de grootste menselijke mysteries. Wetenschappelijk gezien stopt het bewustzijn wanneer de hersenactiviteit stopt, maar filosofen en religies bieden uiteenlopende perspectieven.