De zegeningen en vloeken in de Bijbel staan heel uitgebreid beschreven in het Oude Testament, met name in twee hoofstukken: Deuteronomium 28 en Leviticus 26.
Enkele bekende en krachtige zegensteksten uit de Bijbel zijn Numeri 6:24-26, 2 Korinthiërs 13:13 en Romeinen 15:13. Deze teksten spreken bescherming, genade, vrede en hoop uit.
De Bijbel leert dat grof taalgebruik en het misbruiken van Gods naam verkeerd zijn. Belangrijke Bijbelse regels hierover komen uit de Tien Geboden, de brief aan de Efesiërs en het boek Jakobus.
In Deuteronomium hoofdstuk 28 lezen we hoe de stammen van Israël luidkeels verkondigen: enerzijds zegeningen voor hen die de Heer gehoorzamen, anderzijds vervloekingen voor hen die dat niet doen.
God beveelt de priesters in Israël het volk van God te zegenen. Dat moet gebeuren met de woorden die God er Zelf voor geeft: 'De Here zege-ne u en behoede u; de Here doe zijn aangezicht over u lichten en zij u genadig; de Here verheffe zijn aangezicht over u en geve u vrede' (Num. 6:24-26).
Zegeningen zijn goede gaven, momenten van geluk en fijne dingen in het leven waar je dankbaar voor mag zijn. Het woord komt van zegenen, wat goed spreken of heil wensen betekent.
De bekendste zegen in de Bijbel is wellicht de Aäronitische zegen uit Numeri 6:24-26: "De HEER zegene u en behoede u; de HEER doe zijn aangezicht over u schijnen en zij u genadig; de HEER verheffe zijn aangezicht over u en geve u vrede."
"Met die mond zegenen we onze Heer en Vader, en met die mond vervloeken we mensen die naar Gods beeld zijn gemaakt. Uit dezelfde mond komen zegen en vloek. Mijn broeders, zo behoort het niet te zijn." - Jakobus 3:9,10
God herinnerde zijn volk aan een tijd waarin hij een vloek, of beter gezegd, iets wat bedoeld was om hen te vervloeken, in een zegen voor hen veranderde. "Omdat de HEER, uw God, u liefheeft." Wat een prachtig beeld van Gods liefde en zijn macht om vloeken in zegeningen te veranderen, om datgene wat mensen ten kwade bedoelen, ten goede voor ons te keren.
“ Gezegend zal zijn de vrucht van uw lichaam, de opbrengst van uw land en de aanwas van uw kudden, de aanwas van uw vee en het nageslacht van uw schapen. Gezegend zal zijn uw mand en uw deegkom. Gezegend zult u zijn wanneer u binnenkomt en gezegend zult u zijn wanneer u weggaat.”
De Bijbel heeft meer te zeggen over 'scheldwoorden' dan we beseffen.
Kijk eens wat de apostel Paulus zegt over de taal die christenen zouden moeten gebruiken: "Let op je woorden. Laat niets onfatsoenlijks of grofs uit je mond komen. Zeg alleen wat nuttig is, elk woord een geschenk" (Efeziërs 4:29, MSG).
betekenis & definitie. (1919) (fig.) iets ongeoorloofds doen; ingaan tegen het gezond verstand.
Een ander woord voor vloek is krachtterm, vervloeking of verwensing. Woorden.org
Psalm 134:3 Vindt vreugde in Gods zegeningen
“Moge de Heer u zegenen vanuit Sion, Hij die de hemel en de aarde heeft gemaakt!” Dus als je zegt: “Moge de Heer u zegenen,” bid je daarvoor, bovenal, dat God je zal leiden, begeleiden, sturen, zegenen, redden, bevrijden, helpen, beschermen, voorzien, al die verschillende dingen.
De zegeningen van God zijn alle goede gaven, weldaden en tekenen van Zijn gunst die mensen van Hem ontvangen, zoals materiële voorspoed, geestelijke vrede en eeuwig leven.
Korte, positieve citaten voor dagelijks gebruik
“ Moge je dag gevuld zijn met vrede, liefde en licht.” “Zegeningen volgen je waar je ook gaat.” “Blijf sterk, blijf gezegend.” “Een dankbaar hart trekt zegeningen aan.”
5 Maar jullie Heer God heeft niet naar Bileam willen luisteren. Hij heeft de vervloeking veranderd in een zegen, omdat Hij van jullie houdt. 6 Nooit mogen jullie meewerken aan het geluk of de voorspoed van de Ammonieten en Moabieten. 7 Maar Edomieten mogen jullie niet haten, want zij zijn familie van jullie.
Hygiëne in het kamp (9-14) De wet die soldaten verplichtte een schop mee te nemen om afval te bedekken, was niet alleen een praktische hygiënemaatregel; Spurgeon merkt op dat het Gods diepe zorg voor de letterlijke reinheid van Zijn volk in de woestijn onthult.
In zijn omgang met de mensheid belooft de Heer ofwel zegeningen ofwel vloeken. De vloek van God verschijnt voor het eerst in Genesis 2:15-17, waar onze Schepper onze eerste ouders belooft dat ongehoorzaamheid aan Zijn gebod tot hun dood zal leiden.
Na zijn opstanding zegende Jezus zijn volgelingen en zei dat zijn aanwezigheid bij hen zou zijn als ze leerden vertrouwen op Gods zegen en die met anderen te delen (Matteüs 28:18-20). In zekere zin ontvangen mensen, telkens wanneer ze ervoor kiezen naar God te luisteren en Hem te vertrouwen, de zegen en keren ze de vloek om.
Een zoutwaterpoel kan evenmin zoet water voortbrengen. (Jakobus 3:12) Jakobus wil met bovenstaand vers duidelijk maken dat een zondig hart, net als een vijgenboom die olijven probeert te dragen, nooit iets kan voortbrengen dat de Heer behaagt. Het is het zondige hart dat getemd en, sterker nog, gedood moet worden.
Vloeken die in woede, kwaadaardigheid of met kwade bedoelingen worden uitgesproken, kunnen een aanzienlijke impact hebben op degene die ze uitspreekt en op het doelwit. Galaten 6:7 waarschuwt: "Laat u niet misleiden: God laat zich niet bespotten. Wat een mens zaait, zal hij oogsten." Een ander vervloeken betekent onszelf vervloeken.
Numeri 6:24-26. “De HEER zegene u en behoede u; de HEER doe zijn aangezicht over u schijnen en zij u genadig; de HEER wende zijn aangezicht tot u en geve u vrede.”
Zegenen is in de Bijbel het uitspreken van iets goeds over iemand, wat –als het op de juiste manier gebeurt– zorgt dat dit goede die persoon daadwerkelijk overkomt. Het woord 'zegen ' duidt op de woorden die uitgesproken worden tijdens het zegenen.
“ Moge de Heer u zegenen en beschermen, moge Hij u genadig zijn en u vrede schenken, moge Hij u omzien en u vrede geven.” (Numeri 6:24-26, parafrase van de auteur) “Moge God u geven wat uw hart begeert en al uw plannen laten slagen.” (Psalm 20:4, NIV)