Het woord Jezus heeft in de straattaal geen andere of geheime betekenis; het wordt net zo gebruikt als in het gewone Nederlands als een uitroep van verbazing, ongeloof of irritatie.
De naam Jezus betekent "JHWH (de Heer) is redding" of "Jahweh redt". Het is de vertaling van een bekende Hebreeuwse naam.
Een andere naam voor Jezus is de Vredevorst. Als we bang of verdrietig zijn, kan Hij ons door de Heilige Geest helpen om ons rustig te voelen. Jezus wordt ook wel de Messias genoemd. Messias betekent 'de gezalfde'.
Jezus Christus of Jezus van Nazareth (betekenis naam: Jezus; Verlosser. Christus; Gezalfde) was een bijzondere Joodse man die ongeveer tweeduizend jaar geleden leefde. Volgens het christendom is hij de zoon van God.
Jezus is de Zoon van God, de Redder die door zijn leven, dood en opstanding de relatie tussen God en mensen heeft hersteld. Hij daagt ons uit om Hem te volgen en nodigt ons uit voor een leven met God: het leven in al zijn volheid. Dit leven gaat over de grens van de dood heen door in een eeuwig leven.
Het bekendste acroniem rond Jezus is INRI, dat staat voor het Latijnse Iesus Nazarenus, Rex Iudaeorum (Jezus van Nazareth, Koning der Joden). Andere historische christelijke monogrammen zijn IHS (de eerste drie letters van de Griekse naam voor Jezus) en ICXC (de begin- en eindletters van de Griekse woorden voor Jezus Christus).
Vriend Jezus vergeeft, geneest en heelt onze wonden. Hij is er als we Hem nodig hebben, hoe onbegrijpelijk en hoe onverklaarbaar dat ook is. Net zoals bij Petrus gaat ons leven ook verder. Jezus pakt ons bij de hand en zegt: 'Er is geen grotere liefde dan je leven te geven voor je vrienden.
Historisch gezien is er geen bewijs dat Jezus een vrouw had. De oudste bronnen, zoals de vier evangeliën in het Nieuwe Testament, vermelden geen huwelijk. Het beeld dat Jezus ongetrouwd en celibatair bleef, is al sinds de vroege kerk de overheersende mening binnen het christendom.
De echte historische naam van Jezus was Jesjoea (of Yeshua), wat in het Hebreeuws en Aramees klonk als een vorm van Jozua. Hij had geen achternaam, maar werd soms aangeduid als Jesjoea bar Jozef (Jozefs zoon) of Jesjoea uit Nazareth.
Nee, het lichaam van Jezus is nooit archeologisch of historisch teruggevonden. Zowel seculiere historici als de christelijke traditie erkennen dat er geen stoffelijk overschot is. Wel bestaan er twee totaal verschillende visies en theorieën over hoe dat komt. KU Leuven
De Bijbel noemt Jezus heel veel verschillende namen en titels, waaronder Jezus, Christus, Immanuël, Verlosser en Vredevorst. Er is geen vaste lijst van precies vijf namen, maar deze vijf behoren tot de bekendste.
Jezus sprak voornamelijk Aramees, en daarnaast gebruikte of kende hij Hebreeuws en Grieks.
In de traditionele joodse leer zijn de zeven primaire namen van God die vanwege hun heiligheid niet gewist mogen worden: JHWH (het Tetragrammaton), El, en Elohim. Volgens de traditie en de Thora gaat het om de volgende zeven heilige namen: Wikipedia
115 namen en titels van Jezus Christus.
Traditioneel staan deze zeven woorden (die meer op 'uitdrukkingen' lijken en uit meer dan één woord bestaan) bekend als de woorden van vergeving, verlossing, relatie, verlating, nood, triomf en hereniging.
Jezus had het joodse geloof. Hij was zelf een Jood, groeide op in een joods gezin en leefde volgens de joodse wetten en gewoonten van zijn tijd. Hij was dus geen christen, omdat het christendom pas na zijn dood en opstanding is ontstaan door zijn volgelingen.
Degenen die beïnvloed zijn door de Joods gewortelde-filosofie leren nadrukkelijk dat we Jezus bij Zijn Hebreeuwse naam moeten noemen – “Yeshua” of “Yehoshua mashiach” (“masjiach” betekent “de gezalfde” en wordt vertaald als “Christos” in de Griekse Septuaginta).
De belangrijkste toepassingen van de naam God de Vader in het Nieuwe Testament zijn Theos (θεός, het Griekse woord voor God), Kyrios (d.w.z. Heer in het Grieks) en Patēr (πατήρ, d.w.z. Vader in het Grieks). Het Aramese woord "Abba" (אבא), dat "Vader" betekent, wordt door Jezus gebruikt in Marcus 14:36 en komt ook voor in Romeinen 8:15 en Galaten 4:6.
Antwoord: Maria is de Moeder van God, het vleesgeworden Woord, Jezus Christus. Bijgevolg ontving Jezus zijn DNA van de Heilige Moeder, Maria, en bij uitbreiding van haar directe voorouders. Het is biologisch correct dat Maria geen Y-chromosoom kon hebben geleverd voor de conceptie van Jezus.
Jezus trouwde later met Maria Magdalena. Ze kregen een dochter en na de kruisiging twee zoons.
Jezus' missie hield geen huwelijk met een mens in – zijn bruid is de Kerk (Efeziërs 5:25-33) – dus er was geen kennelijke reden voor hem om romantische aantrekkingskracht te voelen. Hoewel we het niet met zekerheid kunnen weten, is het daarom onwaarschijnlijk dat hij romantische aantrekkingskracht voelde voor Maria Magdalena of een andere vrouw.
Geleerden geloven dat Maria tussen de 12 en 16 jaar oud was toen ze Jezus kreeg (Ibid.). Gezien het Bijbelse verhaal en de Joodse culturele gebruiken in Maria's tijd, is de meest plausibele leeftijd waarop Maria Jezus kreeg waarschijnlijk 15 of 16 jaar.
Door de jaren heen zijn mensen fanatiek op zoek gegaan naar bewijs dat Jezus romantische relaties had en misschien wel kinderen. Echt overtuigend bewijs is nooit gevonden. In het apocriefe evangelie van Filippus wordt gesproken over een kus tussen Jezus en Maria Magdalena.
Johannes, de discipel die Jezus liefhad. De nieuwtestamentische geschriften die met Johannes de Geliefde in verband worden gebracht, presenteren hem als zowel een leraar als een voorbeeld voor ons eigen discipelschap.
De tien beroemdste uitspraken van Jezus zijn de Gulden Regel, "Ik ben de weg, de waarheid en het leven" en "Heb je vijanden lief". Deze citaten komen uit de evangeliën in de Bijbel.