Er zijn in de medische wetenschap geen zeven, maar twee hoofdsoorten tweelingen: eeneiige en twee-eiige tweelingen. Deze worden ingedeeld op basis van hoe ze ontstaan en de verdeling van de moederkoek (placenta) en vruchtzakken.
Er zijn twee hoofdtypen tweelingen: eeneiige en twee-eiige tweelingen. Daarnaast worden ze ingedeeld op basis van hoe ze de baarmoeder delen.
Een 'momo-tweeling' (monoamniotisch-monochoriale tweeling) is een uiterst zeldzame en risicovolle vorm van een eeneiige tweeling waarbij de baby's zowel één placenta (moederkoek) als één vruchtzak delen. Dit komt slechts bij ongeveer 1% van de eeneiige tweelingen voor.
Als een bevruchte eicel in tweeën deelt en daaruit twee baby's ontstaan, noemen we dat een eeneiige tweeling. Eeneiige tweelingen hebben hetzelfde geslacht en ze lijken precies op elkaar. Ze hebben (in principe) hetzelfde DNA. Dan heb je nog de twee-eiige tweeling.
Een eeneiige tweeling ontstaat uit één enkele eicel en zaadcel, de kinderen hebben exact dezelfde erfelijke eigenschappen (DNA) en ze hebben altijd hetzelfde geslacht.
De twee-eiige tweeling is erfelijk. Dit komt doordat de aanleg om bij een eisprong soms twee (of meer) eitjes tegelijk vrij te laten (hyperovulatie) erfelijk is. Deze erfelijke aanleg loopt via de moeder. Eeneiige tweelingen zijn daarentegen een toevalstreffer en niet erfelijk.
Eeneiige tweelingen delen hetzelfde genoom en zijn bijna altijd van hetzelfde geslacht. Twee-eiige (dizygote) tweelingen daarentegen ontstaan door de bevruchting van twee aparte eicellen met twee verschillende zaadcellen tijdens dezelfde zwangerschap. Net als de meeste andere broers en zussen delen twee-eiige tweelingen de helft van hun genoom.
Normaal verschillen eeneiige tweelingen hooguit 7 IQ-punten van elkaar, dus de lagere intelligentie moet te wijten zijn aan het verschil in opvoeding en omgeving.
Eeneiige tweelingen worden ook wel monozygote tweelingen genoemd. Het bijvoeglijk naamwoord 'eeneiig' komt van het middeleeuwse Latijnse 'identicus', wat 'hetzelfde' betekent.
De taalontwikkeling bij tweelingen is veel en vaak onderzocht omdat onderzoekers wilden weten of tweelingen een soort geheimtaal gebruikten. Bij 40% van de tweelingen is er sprake van een eigen taal, genaamd cryptophasia of idioglossia. De taalontwikkeling bij tweelingen blijkt ook anders te verlopen dan bij eenlingen.
Een twee-eiige tweeling ontstaat wanneer twee verschillende eicellen door twee verschillende zaadcellen bevrucht worden. Hier groeien twee embryo's of foetussen uit.
Bij een dichoriale tweeling hebben beide baby's een eigen placenta (moederkoek) en eigen vruchtzak. Dit wordt ook wel een DCDA-tweeling genoemd. Het is de meest veilige vorm van een tweelingzwangerschap, omdat de kinderen elkaars bloedsomloop niet delen.
De bevalling van een tweeling bespreken met je arts
Een arts (gynaecoloog) begeleidt je bij de bevalling. Rond de 32 tot 34 weken bespreek je samen met de arts hoe je kunt bevallen. Dan weet je of de baby's goed zijn gegroeid tot nu toe. Als de baby's niet goed groeien, kijkt de arts hoe dat komt.
Twee-eiige tweelingen
Twee-eiige (of dizygote) tweelingen ontstaan uit de bevruchting van twee verschillende eicellen door twee verschillende zaadcellen. Die kinderen delen evenveel genetisch materiaal als gewone broers en zussen. Ze kunnen van hetzelfde of verschillend geslacht zijn.
Deze baby's hebben hetzelfde geslacht, delen dezelfde bloedgroep en hebben dezelfde fysieke kenmerken. Sommige identieke tweelingen hebben dezelfde vruchtzak.
Een monochoriale tweeling is een eeneiige tweeling die één placenta (moederkoek) deelt. Omdat zij via de placenta een gedeelde bloedsomloop hebben, is er een verhoogd risico op specifieke zwangerschapscomplicaties, zoals TTS (tweeling-transfusiesyndroom). Hierdoor is intensieve medische begeleiding met regelmatige echo's vereist.
Veel populaire bijnamen voor tweelingen bevatten op de een of andere manier het woord 'tweeling'. Voorbeelden zijn: • Twinadoes • Twirlys (tweelingmeisjes) • Twinnie winnies
Een synoniem voor tweeling is meerling (algemenere term), dubbelganger of de Engelse term twin. Specifieke varianten zijn een eeneiige tweeling (identiek) of een twee-eiige tweeling. Kijk voor meer synoniemen en context op Synoniemen.net of raadpleeg Mijnwoordenboek.nl.
Twee-eiige tweelingen worden dizygote tweelingen genoemd. Als je deze termen begrijpt, kun je beter begrijpen wat de echoscopist en verloskundige je uitleggen.
Bij een bepaalde zwangerschap wordt de kans op het krijgen van een twee-eiige tweeling alleen bepaald door de genen van de moeder, niet door die van de vader. Een twee-eiige tweeling ontstaat wanneer twee eicellen tegelijk worden bevrucht in plaats van slechts één.
De kinderen van een eeneiige tweeling zijn halfbroer en/of halfzus. Doordat het DNA van een eeneiige tweeling voor 99 procent gelijk is, maakt dat hun kinderen ook bijzonder. Kinderen van een eeneiige tweeling delen 50 procent van hetzelfde DNA. Biologisch gezien zijn zij dus halfbroer en/of halfzus.
Kinderen krijgen intelligentie via moeder. Researchers aan de University of Washington en in Glasgow zijn het er na uitgebreid onderzoek over eens: de intelligentie van een kind wordt bepaald door het genetisch materiaal langs moeders kant. Het genetisch materiaal van de vader heeft geen invloed.
Ze onderzochten de gerapporteerde mate van geluk bij 1300 sets eeneiige en twee-eiige tweelingen. Eeneiige tweelingen rapporteerden vergelijkbare niveaus van geluk, terwijl twee-eiige tweelingen een grotere variatie vertoonden in hun gerapporteerde gevoel van welzijn.
1. Prediker 4:9-12 “ Twee zijn beter dan één, want samen hebben ze meer baat bij hun arbeid. Als ze struikelen, zal de eerste zijn vriend oprapen; maar wee degene die alleen valt en er niemand is om hem op te helpen.”
Onderzoek heeft aangetoond dat er minstens twee genen zijn die verband houden met het krijgen van een tweeling (twee-eiige tweelingen). Deze genen tonen genetische verbanden aan tussen het krijgen van een tweeling en de aanmaak van follikelstimulerend hormoon (FSH) door vrouwen, en hun reactie daarop. Dit kan mogelijk helpen voorspellen hoe sommige vrouwen reageren op vruchtbaarheidsbehandelingen.