Er zijn veel geschriften die niet in de huidige Bijbel zijn opgenomen. Deze vallen uiteen in twee hoofdgroepen: deuterocanonieke boeken (wel in de katholieke Bijbel, niet in de protestantse) en apocriefe boeken (door geen enkele hoofdstroming als Bijbels gezien).
Het gaat hierbij om Tobit, Judit, de Griekse versie van Ester, 1 en 2 Makkabeeën, het boek Wijsheid (van Salomo), de Wijsheid van Jezus Sirach, Baruch, de Brief van Jeremia en de toevoegingen aan Daniël.
Behalve Mattheüs, Markus, Lukas en Johannes zijn er nog andere evangeliën. Deze boeken zijn in de eerste eeuwen na Christus geschreven, maar niet in het Nieuwe Testament opgenomen.
Het Boek van Henoch is niet in de reguliere Bijbel opgenomen omdat Joodse rabbijnen het nooit als goddelijk geïnspireerd hebben erkend. Het boek ontbrak in de oorspronkelijke Hebreeuwse canon en voldeed niet aan de criteria—zoals het juiste auteurschap en de juiste ontstaansperiode—die vroege kerkleiders hanteerden bij het samenstellen van het Oude Testament.
Het woord apocrief komt van het Griekse woord apokrufos, wat 'verborgen' betekent. De gedachte was dat de meeste Bijbelse boeken voor iedereen bedoeld waren. Maar de inhoud van sommige boeken was 'verborgen', alleen bestemd voor ingewijden. Die boeken werden 'apocriefe boeken' genoemd.
Veertien van deze boeken zijn in dit boek opgenomen, namelijk: Het Eerste Boek van Esdras, Het Tweede Boek van Esdras, Het Eerste Boek van de Makkabeeën, Het Tweede Boek van de Makkabeeën, Het Boek van Baruch, Het Boek van Bel en de Draak, Prediker, Het Boek van Esther, Het Boek van Judith, ...
De protestantse reformatoren beschouwden de deuterocanonieke boeken als niet geïnspireerd omdat ze niet aanwezig waren in de Masoretische Tekst (het huidige Hebreeuwse Oude Testament), die door de rebellerende Joden werd gebruikt.
Henoch leefde vijfenzestig jaar, en verwekte Methusalach. En Henoch wandelde met God, nadat hij Methusalach verwekt had, driehonderd jaar; en hij verwekte zonen en dochters. Al de dagen van Henoch waren driehonderdvijfenzestig jaar. Henoch wandelde met God, en hij was niet meer, want God nam hem weg.
Het boek Henoch, met name 1 Henoch, spreekt over een figuur die wordt aangeduid als de "Zoon des Mensen", de "Uitverkorene" en de "Rechtvaardige", termen die christenen later identificeerden met Jezus Christus.
Naast de 27 boeken in het Nieuwe Testament zijn er nog andere boeken, zelfs evangeliën, gevonden die níet in onze Bijbel zitten. Zoals bijvoorbeeld de evangeliën van Thomas, Maria Magdalena en Judas.
Deze geschriften, waarvan vele in het Grieks zijn geschreven in een latere periode dan de rest van de Hebreeuwse Bijbel, werden uitgesloten vanwege zorgen over hun taal, auteurschap en de periode waarin ze werden geschreven.
Volgens een bekende volkswijsheid staat de zin "wees niet bang" (of "vrees niet") precies 365 keer in de Bijbel: één keer voor elke dag van het jaar.
Er is geen sluitend wetenschappelijk bewijs dat de hele Bijbel letterlijk waar is, maar er is wel archeologisch en historisch bewijs dat veel personen, plaatsen en gebeurtenissen uit de Bijbel echt hebben bestaan. Of de Bijbel 'waar' is, hangt af van hoe je het boek leest: als een exact geschiedenisboek of als een geloofsboek.
De zeven boeken zijn 1 en 2 Makkabeeën, Tobit, Judith, Sirach, Wijsheid en Baruch. Daarnaast zijn de boeken Daniël en Esther iets langer in bijbels die gebruikt worden door leden van de Rooms-Katholieke, Oosters-Katholieke en Orthodoxe Kerk. Waarom?
De Naam in de Bijbel: De persoonlijke naam van God in de Hebreeuwse Bijbel wordt weergegeven door vier Hebreeuwse medeklinkers יהוה, bekend als het Tetragrammaton. Deze naam komt bijna 7000 keer voor in de Hebreeuwse Geschriften – veel vaker dan welke andere naam of titel dan ook.
Met meer dan 200 miljoen verkochte exemplaren, 600 talen en dialecten, 1300 verschillende edities… Het is niet Harry Potter, maar De Kleine Prins van Antoine de Saint Exupéry, het meest gelezen en vertaalde niet-religieuze boek ter wereld (alle categorieën samen, na De Bijbel en De Koran).
Antwoord: Handelingen 8:37 is in veel Bijbelvertalingen niet opgenomen omdat het niet voorkomt in de oudste en beste vertalingen van Handelingen. Er is geen poging gedaan om het te verbergen, aangezien het (met een uitleg) in de voetnoten van de meeste Bijbels te vinden is.
Wat kunnen we leren van Esther? Er zijn twee boeken in de hele Bijbel waarin de naam van God niet wordt genoemd. Hooglied is er één van en – misschien raad je het al – ook in het boek Esther staat nergens de naam van God, YHWH.
De zogenaamde "verloren evangeliën" vallen in twee categorieën: apocriefe geschriften uit het Nieuwe Testament en gnostische geschriften. Apocriefe geschriften betekenen "verborgen dingen". De apocriefe geschriften behandelen twee perioden uit het leven van Jezus die nauwelijks aan bod komen (vandaar "verborgen") in het Nieuwe Testament: zijn kindertijd en de drie dagen tussen zijn dood en opstanding.
De "Zoon des Mensen" wordt geïdentificeerd met Henoch. De tekst impliceert dat Henoch eerder in de hemel op de troon zat. Hoofdstukken 70-71 lijken passages eerder in de gelijkenis tegen te spreken, waar de Zoon des Mensen een aparte entiteit is. De gelijkenis schakelt ook over van de derde persoon enkelvoud naar de eerste persoon enkelvoud.
Mijn vraag waarom zijn deze boeken niet kanoniek? De bijbel verwijst naar deze boeken? dat hij dat heeft ontleend aan een of ander boek. (b) dat een lezer van de brief van Judas gedacht heeft: Henoch moet geprofeteerd hebben en dat deze het Boek Henoch heeft samengesteld of 'gefantaseerd' heeft.
Jezus Christus zelf heeft "Mozes en de profeten" bevestigd, en het boek Henoch maakte in de eerste eeuw geen deel uit van de Hebreeuwse canon van de Schrift die Jezus bevestigde. Paul Macabee, dat klopt, het is door de meeste christenen en rabbijnse joden nooit als goddelijk geïnspireerd beschouwd.
Nee, er is geen hard, wetenschappelijk bewijs dat God bestaat. Wel zijn er filosofische argumenten en persoonlijke ervaringen, zoals de orde in de natuur en verhalen van mensen.
Volgens de tekst van het boek Genesis leefde Henoch 365 jaar voordat hij door God werd weggenomen.
Niemand heeft God ooit gezien. Maar als we elkaar liefhebben, blijft God in ons en is zijn liefde in ons tot volmaaktheid gekomen. Dat wij in Hem blijven en Hij in ons, weten we doordat Hij ons heeft laten delen in zijn Geest.