De eerste discipelen die Jezus riep, waren de broers Andreas en Simon Petrus, spoedig gevolgd door Jakobus en Johannes. Volgens het Evangelie volgens Johannes was Andreas de allerhechtste eerste volgeling die Jezus ontmoette en daarna zijn broer Petrus naar Hem toe bracht.
Andreas de apostel, de eerste discipel die door Jezus geroepen werd. Hoewel we meer weten over zijn broer Petrus, was het Andreas die Jezus als eerste ontmoette.
De Bijbelse geschriften zeggen dat de eerste apostelen die Jezus ontmoetten broers Simon/Petrus en Andreas, de vissers, waren. Daarna volgden Filippus en Bartholomäus, de andere vissers. Sterker nog, Thaddeus wordt in sommige vertalingen ook Judas genoemd. Wat hem kan verwarren met Judas Iskariot, de verrader.
De twaalf apostelen waren de twaalf dichtste volgelingen en leerlingen van Jezus die door hem werden uitgezonden om zijn boodschap te verkondigen. De bekendste namen uit de Bijbel zijn Petrus, Johannes en Judas Iskariot.
Het evangelie van Matteüs en het evangelie van Marcus beschrijven de roeping van de eerste discipelen aan de oever van het Meer van Galilea: Toen Jezus langs de oever van het Meer van Galilea liep, zag hij twee broers, Petrus en Andreas geheten. Zij waren bezig een net in het meer uit te werpen, want zij waren vissers.
Aan het begin van zijn bediening roept Jezus zijn eerste discipelen – Simon, Andreas, Jakobus en Johannes – om hem te volgen en “mensen te vissen”. Simon en Andreas verlaten het repareren van hun netten. Jakobus en Johannes verlaten hun vader, en alle vier beginnen Jezus te volgen.
Eerst waren er vier jongeren, Petrus, Jakobus, Johannes en Andreas, die steeds in Jezus' nabijheid waren. Nu kiest Jezus er twaalf uit. Hij roept Zijn discipelen bijeen en uit hen kiest hij twaalf mannen, die Hij ook apostelen noemt. Zo staat het letterlijk in Lukas.
Ze laat Jezus geboren worden in een Esseense nederzetting bij Qumran aan de Dode Zee. Daar zou ook een Bethlehem hebben gelegen. Jozef en Maria waren lid van deze Esseense gemeenschap. Jezus trouwde later met Maria Magdalena. Ze kregen een dochter en na de kruisiging twee zoons.
In feite gingen de meeste vroege kerkvaders en theologen in de tweede, derde en vierde eeuw er vanzelfsprekend vanuit dat (1) Junia een vrouw was en (2) Junia een apostel was. Zoals de vierde-eeuwse theoloog en prediker Johannes Chrysostomus schreef: "Apostel zijn is iets groots."
Volgens de Kerkvaders koos Jezus twaalf apostelen omdat Hij zichzelf beschouwde als hoofd van het nieuwe Israël. Het Israël van het Oude Verbond telde twaalf stammen, waarvan de stamvaders de twaalf zonen van Jakob waren (Jakob kreeg de naam Israël: 'Hij die met God gestreden heeft').
In de Bijbel verwijst "de discipel die Jezus liefhad" vrijwel unaniem naar Johannes, de zoon van Zebedeüs. Hij was een van Jezus' nauwste volgelingen en de traditionele auteur van het gelijknamige evangelie, waarin hij zijn eigen naam bewust weglaat en in plaats daarvan deze liefdevolle omschrijving gebruikt om de nadruk op Jezus te leggen.
Volgens het Evangelie van Johannes volgden Andreas, een discipel van Johannes de Doper, en een andere, niet nader genoemde discipel van Johannes de Doper (van wie traditioneel wordt aangenomen dat het Johannes was), Jezus nadat ze hem Jezus hadden horen aanwijzen als het "Lam van God". Ze brachten de dag met Hem door en werden zo de eerste twee discipelen die ... genoemd werden.
Volgens de rooms-katholieke traditie is de apostel Petrus (Simon Petrus) de eerste paus. Jezus Christus zou hem hebben aangewezen als de 'rots' waarop de kerk gebouwd moest worden en hem de sleutels van het hemelrijk hebben gegeven.
Sinds het einde van de eerste eeuw wordt de geliefde discipel vaak (maar niet unaniem) geïdentificeerd met Johannes de Evangelist.
Jakobus de Meerdere
Jakobus was aanwezig bij de transfiguratie en in het Hof der Olijven. Na de dood verkondigde hij het evangelie van Jezus in Spanje. Hij keerde later terug naar Jeruzalem, waar hij op last van Herodes Agrippa werd onthoofd. Zo was hij de eerste apostel die de marteldood stierf.
Hij was ook nog heel jong. De jongste discipel, een jongere tussen de zestien en de twintig! Je weet misschien ook wel dat Johannes heel oud is geworden. Een leven lang gebruikte de Heere hem in Zijn dienst.
Maria Magdalena, Johanna, Susanna en de andere vrouwen die Christus vanuit Galilea volgden, zijn krachtige voorbeelden van discipelen die aan de opbouw van Gods koninkrijk bijdragen. Ze leren ons mensen die lijden nabij te blijven, moedig te zijn en Jezus niet te verlaten, hoe moeilijk dat soms ook is.
Jezus had in zijn gevolg niet alleen de twaalf apostelen, maar ook diverse andere mannen en vrouwen. Onder de vrouwen was Maria Magdalena de belangrijkste volgeling.
Junia was een van de eerste christenen. Als ze Johanna was geweest, zou ze Jezus zelfs persoonlijk gekend hebben. Ze leed voor haar geloof, maar dat lijkt haar bediening niet te hebben belemmerd.
De Bijbel noemt bij naam drie zonen van Adam en Eva, te weten Kaïn, Abel en Set, maar vermeldt daarnaast dat zij nog vele andere zonen en dochters kregen.
Maria Magdalena. Maria Magdalena of Maria van Magdala (Hebreeuws: מרים המגדלית, Oudgrieks: Μαρία Μαγδαληνή) was volgens het Nieuwe Testament een leerlinge van Jezus. Lucas 8:2 introduceert haar als "Maria, genaamd Magdalena" (Statenvertaling) of "Maria uit Magdala" (NBV).
De exacte leeftijd van Jozef toen hij met Maria trouwde is onbekend, omdat de Bijbel hier geen cijfers over vermeldt. Historici en theologen schatten dat hij een jonge man was, vermoedelijk tussen de 20 en 30 jaar oud.
Volgens deze traditie stierven alle apostelen een marteldood vanwege de verbreiding van het geloof, behalve Johannes die op hoge leeftijd een natuurlijke dood stierf.
Alle vier horen ze bij de twaalf leerlingen die in de rest van het evangelie het dichtst bij Jezus staan. Jezus roept hen met een bijzondere belofte: 'Ik zal jullie leren om mensen te vangen in plaats van vissen. ' Daarmee bedoelt hij dat ze samen met Jezus mensen zullen winnen voor Gods nieuwe wereld.
Petrus werd rond het jaar 64 na Christus in Rome gekruisigd omdat keizer Nero hem en andere christenen de schuld gaf van de grote brand in Rome. Als vooraanstaand leider van de vroege christelijke kerk werd hij door de Romeinen gezien als een politieke en religieuze onruststoker.