Door WereldData · Gepubliceerd op
Het belangrijkste verschil tussen een type B- en een type C-installatieautomaat in de meterkast zit in de gevoeligheid en de uitschakeltijd bij kortsluiting: een type B schakelt uit bij 3 tot 5 keer de nominale stroom, terwijl een type C pas uitschakelt bij 5 tot 10 keer de nominale stroom.
Geen van beide is per definitie "beter"; de juiste keuze hangt af van de toepassing. Een B-karakteristiek is beter en de standaard voor normale woningen (omdat deze snel uitschakelt bij kortsluiting), terwijl een C-karakteristiek beter is voor zware apparaten met een hoge aanloopstroom (zoals grote elektromotoren of pompen).
Het verschil tussen een B16- en een C16-installatieautomaat zit in de uitschakelkarakteristiek: hoe snel de stroom wordt uitgeschakeld bij een plotselinge piek of kortsluiting. Beide automaten laten maximaal 16 ampère door voordat ze bij normale overbelasting reageren.
Verschil B of C karakteristiek.
Een automaat met B karakteristiek is de standaard uitschakelkarakteristiek voor woningen. De C karakteristiek gebruiken we wanneer er sprake is van hogere inschakelstromen. Installatieautomaten en aardlekautomaten zijn componenten die je terugvindt in een meterkast.
B-karakteristiek: schakelt uit bij een kortsluitstroom van 3 tot 5 × de nominale stroom; geschikt voor standaard huisinstallaties. C-karakteristiek: schakelt uit bij 5 tot 10 × de nominale stroom; geschikt voor installaties met hogere inschakelstromen, zoals bij motoren of transformatoren.
Alternatieven voor een B16 automaat
Apparaten met hoge inschakelstroom, zoals pompen of motoren, werken beter met een C16, die minder snel uitschakelt bij korte pieken. Voor zware belastingen worden soms B20 of B25 gebruikt, maar alleen met dikkere kabels en volgens de norm.
Voor een thuislaadpaal is een B-karakteristiek in de meterkast de standaardkeuze, tenzij de handleiding van de fabrikant expliciet om een C-karakteristiek vraagt.
Een installatieautomaat met C-karakteristiek schakelt magnetisch uit bij een stroom van 5 tot 10 keer de nominale waarde. Voorbeeld: Een C16 automaat schakelt magnetisch uit bij een stroom tussen 80A en 160A.
Een C-automaat (installatieautomaat met C-karakteristiek) is een beveiligingsschakelaar voor stroom die pas bij 5 tot 10 keer de nominale stroom magnetisch uitschakelt. Hierdoor kan de automaat goed omgaan met een tijdelijke hoge piek- of startstroom, zoals bij zware apparaten.
16A X 230V = 3.680 W
Op elk apparaat kan je vinden hoeveel vermogen het apparaat nodig heeft. Zo kan je zelf de formule invullen om te kijken hoeveel vermogen jij uiteindelijk nodig zal hebben.
Wasmachines, kookplaten, boilers en dergelijke worden op B-karakteristiek installatieautomaten aangesloten. C-karakteristiek.
Kies voor een B-karakteristiek in de standaard woningbouw. Deze is het meest geschikt voor verlichting en normale stopcontacten. Kies alleen een C-karakteristiek voor apparaten met een zeer hoge aanloopstroom, zoals zware elektromotoren, compressoren of sommige typen lasapparaten.
B16A. Dit is de eerste versie van de B16-motor, geïntroduceerd in 1989. Hij heeft een cilinderinhoud van 1595 cc, met een boring en slag van respectievelijk 81 mm en 77,4 mm.
Het belangrijkste verschil tussen een B16- en een C16-aardlekautomaat zit in de uitschakelsnelheid bij kortsluiting: een B16 reageert bij 3 tot 5 keer de nominale stroom (48 tot 80 ampère), terwijl een C16 pas uitschakelt bij 5 tot 10 keer de nominale stroom (80 tot 160 ampère). Beide groepen kunnen maximaal 16 ampère (ongeveer 3680 watt) aan stroom verwerken.
Voor de meeste airco's is een C16 installatie-automaat (C-karakteristiek, 16 Ampère) de beste keuze. Dit type kan de hoge opstartstroom (piekspanning) van de compressor probleemloos opvangen.
De 3 fase installatieautomaat (zekeringsautomaat) verbreekt het elektrische circuit bij het meten van een te hoge elektrische stroom. Op deze manier beschermt de zekeringsautomaat u, en uw apparatuur tegen kortsluiting en andere ongevallen die kunnen ontstaan bij overbelasting van het stroomnet.
De kA waarde voor kortsluitvastheid
In standaard situaties adviseren wij een automaat met een B karakteristiek toe te passen, met een kortsluitvastheid van minimaal 6kA.
Een (meestal XVB kabel 3G6mm) en een automaat van 32 A wordt gebruikt voor de elektrische kookplaat. In de regel worden lichtkringen en stopcontacten afzonderlijk afgezekerd. Er Moet een bedrading van 2.5 mm² worden gebruikt.
Een C16 automaat schakelt direct uit indien er een kortsluitstroom van 160A gaat lopen (10*In). Een D16 schakelt uit bij 320A kortsluitstroom (20*In).
Voor een thuislaadpaal is een B-karakteristiek in de meterkast de standaardkeuze, tenzij de handleiding van de fabrikant expliciet om een C-karakteristiek vraagt.
Voor een airco is doorgaans een C-karakteristiek (C16) vereist of aan te raden. Dit type kan de kortstondige stroompiek (aanloopstroom) van de compressor bij het opstarten goed opvangen zonder direct onnodig uit te schakelen. Een B-karakteristiek kan bij oudere of zwaardere modellen voor storingen zorgen.
De B staat voor 'Brake' (remmen). Maar in plaats van dat je op de rem trapt, remt je auto automatisch op de motor als je je voet van het gaspedaal haalt. En dat is vooral handig als je in een elektrische auto rijdt. De B-stand helpt je namelijk om efficiënter te rijden door energie terug te winnen tijdens het afremmen.
Het belangrijkste verschil tussen een B-automaat en een C-automaat is de gevoeligheid waarmee ze reageren op een plotselinge stroompiek, waarbij de B-automaat uitschakelt bij 3 tot 5 keer de nominale stroom en de C-automaat pas bij 5 tot 10 keer.
Alhoewel in sommige situaties niet verplicht is, is ons advies om de installatieautomaat van een laadpaal altijd achter een aardlekschakelaar van 30mA te zetten. Een aardlekschakelaar type A kosten een paar tientjes en een aardlekschakelaar type B kost iets meer dan 100 euro.
Een C-automaat (installatieautomaat met C-karakteristiek) is een beveiligingsschakelaar voor stroom die pas bij 5 tot 10 keer de nominale stroom magnetisch uitschakelt. Hierdoor kan de automaat goed omgaan met een tijdelijke hoge piek- of startstroom, zoals bij zware apparaten.