De Bijbel leert dat iemands intelligentie of "slimheid" geen maatstaf is voor iemands waarde, geloof of liefde bij God.
Psalm 34 is een loflied van koning David over Gods redding, bescherming en de oproep om op Hem te vertrouwen in moeilijke tijden. David schreef de psalm toen hij in levensgevaar was en deed alsof hij gek was om te ontkomen.
God heeft de macht om jullie al het goede te schenken. Hij kan jullie alles geven wat je nodig hebt. Zelfs zo veel dat jullie altijd meer dan genoeg hebben, en veel overhouden om andere mensen te steunen.
In 1 Korinthe 12 legt Paulus uit dat de Heilige Geest verschillende genadegaven geeft aan gelovigen. Hij vergelijkt de gemeente met een menselijk lichaam: elk lid heeft een eigen, unieke functie, en alle delen zijn even hard nodig om als eenheid te kunnen functioneren.
Spreuken 4:23 betekent dat je heel goed op je innerlijk moet letten, omdat je gedachten en gevoelens bepalen hoe je leeft. De tekst luidt: "Behoed uw hart boven al wat te bewaren is, want daaruit zijn de oorsprongen des levens" (of in moderne taal: "Bewaak je hart boven alles wat je te bewaken hebt, want daaruit vloeit het leven voort").
Johannes 4:23 NASB
23 Maar er komt een tijd, en die is er nu al, dat de ware aanbidders de Vader in geest en waarheid zullen aanbidden; want zulke mensen zoekt de Vader als zijn aanbidders.
7 Naar wijsheid verlangen is het begin van alle wijsheid. Van alles wat je hebt, is wijsheid het belangrijkste. 8 Heb respect voor wijsheid, dan zal jij ook respect krijgen. Omarm wijsheid, en je zal geëerd worden.
In 1 Korinthe 15:50-58 legt de apostel Paulus uit dat ons sterfelijke lichaam verandert in een onvergankelijk lichaam bij de opstanding, dat de dood is overwonnen door Jezus, en dat gelovigen daarom sterk en moedig moeten blijven.
vers 9 En Hij heeft tot mij gezegd: Mijn genade is u genoeg; want Mijn kracht wordt in zwakheid volbracht. Zo zal ik dan veel liever roemen in mijn zwakheden, opdat de kracht van Christus in mij wone.
12Maar tegen de anderen zeg ík, niet de Heere: Als een broeder een ongelovige vrouw heeft en zij er van harte mee instemt bij hem te wonen, moet hij haar niet verlaten. 13En als een vrouw een ongelovige man heeft en deze stemt er van harte mee in bij haar te wonen, moet zij hem niet verlaten.
Efeziërs 2:10 Want wij zijn Zijn maaksel, geschapen in Christus Jezus tot goede werken, die God van tevoren heeft voorbereid, opdat wij daarin zouden wandelen (NBV). Jij bent Gods maaksel, je behoort Hem toe. Je hoeft niet genoeg te zijn, niet genoeg te doen of jezelf te verbeteren voordat je tot Hem komt. Jij bent Zijn maaksel.
Psalm 52 gaat over de strijd tussen kwaad en goed, de hoogmoed van slechte mensen en het vaste vertrouwen in Gods goedheid. David schreef het lied na het verraad van Doëg de Edomiet, die de priesters aan koning Saul verraadde. Je kunt de tekst zelf nalezen op De Bijbel.
Een van de mooiste en bekendste bijbelteksten over vertrouwen op God is Spreuken 3:5-6: "Vertrouw op de HEER met heel je hart en steun niet op eigen inzicht. Denk aan Hem bij alles wat je doet, dan baant Hij voor jou de weg."
Psalm 42 gaat over diep verdriet, heimwee naar God en het vinden van hoop. De dichter voelt zich eenzaam en verlaten, vergelijkt zijn verlangen met een dorstig hert en moedigt zichzelf aan om toch op God te blijven vertrouwen.
De psalm is het gebed van een man die onophoudelijk lijdt. Hij klaagt over de vreselijke, harde verdrukking die hem aan de rand van de dood brengt. Toch heeft hij dag en nacht de HEERE aangeroepen. In de toepassing van deze psalm op Christus zien we het lijden dat Hij vanwege de vloek van de wet ondergaat.
Deze psalm spreekt van de dorst van de ziel naar God, het gestild worden van die dorst door het zijn in Gods aanwezigheid in het heiligdom en de lofprijzing van de ziel volgend als antwoord hierop. De psalm stamt uit de periode in Davids leven toen hij moest verblijven in de woestijn (1 Samuël 23:14; 24:2).
"Mijn genade is u genoeg" is een bekende uitspraak uit de Bijbel (2 Korinthe 12:9). Het betekent dat Gods onvoorwaardelijke liefde, steun en vergeving voldoende zijn om moeilijke tijden of zwakheden door te komen. Je hoeft het niet alleen op eigen kracht te doen.
2 Korintiërs 12:9 (NBV). Maar Hij zei tegen mij: ‘Mijn genade is u genoeg, want mijn kracht wordt in zwakheid volkomen.’ Daarom zal ik des te liever roemen in mijn zwakheden, opdat de kracht van Christus op mij ruste.
zaligheid teweeg, maar de droefheid van de wereld brengt de dood teweeg' (2 Korinthe 7:10). We kunnen wereldse droefheid, schaamte en ontmoediging voelen als we zondigen.
De apostel Paulus leert ons hoe wij verzoekingen kunnen doorstaan. 13 Meer dan een menselijke verzoeking is u niet overkomen. En God is getrouw: Hij zal niet toelaten dat u verzocht wordt boven wat u aankunt, maar Hij zal met de verzoeking ook de uitkomst geven om die te kunnen doorstaan.
Doch wanneer Hij zegt, dat Hem alle dingen onderworpen zijn, zo is het openbaar, dat Hij uitgenomen wordt, Die Hem alle dingen onderworpen heeft. 28 En wanneer Hem alle dingen zullen onderworpen zijn, dan zal ook de Zoon Zelf onderworpen worden Dien, Die Hem alle dingen onderworpen heeft, opdat God zij alles in allen.
En in vers drie gaat Paulus nog een stapje verder en hij zegt: wij zullen straks als rechters niet alleen deze wereld en de mensen op deze wereld oordelen, maar wij zullen straks in de dag van Christus' wederkomst zelfs de engelen oordelen.
Spreuken 27:17 luidt: "Zoals ijzer ijzer scherpt, zo scherpt de ene mens de andere". Dit Bijbelvers betekent dat mensen van elkaar leren en elkaar beter maken door met elkaar om te gaan. Net zoals twee stukken metaal scherper worden wanneer je ze langs elkaar wrijft, helpen vrienden of naasten elkaar om te groeien en slimmer te worden.
Spreuken 10:14 STV (Statenvertaling (Importantia edition))
De wijzen leggen wetenschap weg; maar den mond des dwazen is de verstoring nabij.
De derde raad is om met heel het hart op de HEERE te vertrouwen en niets van eigen inzicht te verwachten (vers 5). Vertrouwen met het hele hart is het richten van het hele innerlijke leven – heel de wil, het gevoel en het verstand – op God. Het gaat om een actief vertrouwen op Hem.