Matteüs 5 bevat het begin van de Bergrede, waarin Jezus de zaligsprekingen, de metafoor van zout en licht, en een vernieuwde uitleg van de oude wetten deelt. Je kunt de complete tekst nalezen in de Bijbel in Gewone Taal.
In de bergrede (Mattheüs 5:1-7:29) schildert de Heer Jezus het karakter van het koninkrijk der hemelen en de personen die er deel aan hebben. Tevens openbaart Hij de Vadernaam. Hij onderwijst de kenmerken van het koninkrijk omdat Hij die kenmerken liefheeft.
Mattheüs 5:3–12
4 Zalig zijn zij die treuren, want zij zullen vertroost worden. 5 Zalig zijn de zachtmoedigen, want zij zullen de aarde beërven. 6 Zalig zijn zij die hongeren en dorsten naar de gerechtigheid, want zij zullen verzadigd worden. 7 Zalig zijn de barmhartigen, want aan hen zal barmhartigheid bewezen worden.
Hij kijkt naar de mensen om zich heen, naar alle regeltjes die ze zichzelf opleggen, in de hoop dat zij daardoor gezegend zal worden. Hij kijkt naar de wetten die God gegeven had, de Torah, en laat daar doorheen zien hoe je aan de ander én aan jezelf recht doet als je je aan Gods richtlijnen houdt.
Het getal 5 is nadrukkelijk aanwezig in de tabernakel. Bijna elke maat is een veelvoud van 5. Dat is geen toeval! Het gaat immers om de grote genade van God in het verlossingswerk van Christus.
Het getal 5 wordt 318 keer genoemd in de Bijbel, van Genesis tot Openbaring. Het getal 5 staat voor Gods genade, Gods goedheid en welwillendheid jegens de mensheid.
Levenspadnummer 5 in de numerologie staat voor vrijheid, avontuur en verandering. Mensen met dit pad zijn nieuwsgierig, flexibel en vol energie. Je leert het leven vooral kennen door te doen en te ervaren.
Matteüs 5:3 "Zalig zijn de armen van geest, want hunner is het koninkrijk der hemelen." Hier doelde Jezus niet op armoede in de menselijke zin. Hij sprak over mensen die zichzelf zien zoals ze werkelijk zijn voor God: zondig en verloren, hopeloos en hulpeloos.
26 Voorwaar, Ik zeg u: Gij zult daar geenszins uitkomen, totdat gij den laatsten penning zult betaald hebben. 27 Gij hebt gehoord, dat van de ouden gezegd is: Gij zult geen overspel doen. 28 Maar Ik zeg u, dat zo wie een vrouw aan ziet, om dezelve te begeren, die heeft alrede overspel in zijn hart met haar gedaan.
Het oorspronkelijke Griekse woord is " ptochos ", wat kan worden omschreven als "zij die gehurkt zitten" of "bedelaars". Hoewel Jezus zeker sprak met de fysiek armen en hen bijstond en medelijden met hen had, spreekt hij hier specifiek over de armen van geest.
Deze verzen schetsen een reeks zegeningen die de eigenschappen en houdingen benadrukken die in het Koninkrijk der Hemelen worden gewaardeerd. "Zaligsprekingen" is afgeleid van het Latijnse woord "beatus", wat gezegend of gelukkig betekent.
Matteüs heeft als symbool een engel of een mens. Zijn evangelie begint met een geslachtsregister, de menselijke stamboom van Jezus Christus. Vanwege dit menselijke begin kreeg Matteüs het symbool mens. De evangelist Marcus heeft als symbool een leeuw.
De tien beroemdste uitspraken van Jezus zijn de Gulden Regel, "Ik ben de weg, de waarheid en het leven" en "Heb je vijanden lief". Deze citaten komen uit de evangeliën in de Bijbel.
Audio voor Mattheüs 5:
De kern van het hoofdstuk ontvouwt Jezus' herinterpretatie van de wet, waaruit blijkt dat Gods geboden veel verder reiken dan uiterlijk gedrag en de houding en verlangens van het hart beïnvloeden. Het hoofdstuk eindigt met de indrukwekkende oproep om volmaakt te zijn zoals de Vader volmaakt is.
Het evangelie van Matteüs is het meest Joodse van alle evangeliën. De gemeenschap waarvoor Matteüs werd geschreven, was een Joods-christelijke gemeenschap die in de periode van wederopbouw na de Eerste Opstand te maken kreeg met nieuwe spanningen.
In het christendom verwijst de term 'Vijf redevoeringen van Matteüs' naar vijf specifieke toespraken van Jezus in het Evangelie van Matteüs. De vijf toespraken zijn: de Bergrede, de zendingsrede, de gelijkenisrede, de redevoering over de kerk en de redevoering op de Olijfberg.
DE GROTE WORDT DAT WE VERTROUWEN ALS GEBLAZEN IS MACARIO'S. 𝙹𝙴𝚂𝚄𝚂 𝚄𝚂𝙴𝚂 𝚃𝙷𝙸𝚂 𝚆𝙾𝚁𝙳 𝙽𝙸𝙽𝙴 𝚃𝙸𝙼𝙴𝚂 𝙸𝙽 𝙼𝙰𝚃𝚃𝙷𝙴𝚆 5:1-12. 𝙼𝙰𝙲𝙰𝚁𝙸𝙾𝚂 𝙸𝚂 𝙰 𝙳𝙸𝙵𝙵𝙸𝙲𝚄𝙻𝚃 𝚆𝙾𝚁𝙳 𝚃𝙾 𝚃𝚁𝙰𝙽𝚂𝙻𝙰𝚃𝙴 𝙸𝙽𝚃𝙾 𝙴𝙽𝙶𝙻𝙸𝚂𝙷. 𝙸𝚃 𝙲𝙰𝙽 𝙼𝙴𝙰𝙽 𝙱𝙻𝙴𝚂𝚂𝙴𝙳 𝙾𝚁 𝙷𝙰𝙿𝙿𝚈 𝙾𝚁 𝙵𝙾𝚁𝚃𝚄𝙽𝙰𝚃𝙴, 𝙱𝚄𝚃 𝚃𝙷𝙴 𝙱𝙴𝚂𝚃 𝙳𝙴𝙵𝙸𝙽𝙸𝚃𝙸𝙾𝙽 𝙾𝙵 𝚃𝙷𝙸𝚂 𝙶𝚁𝙴𝙴𝙺 𝚆𝙾𝚁𝙳 𝙸𝚂 '𝙰 𝙿𝚁𝙸𝚅𝙸𝙻𝙴𝙶𝙴𝙳 𝚁𝙴𝙲𝙸𝙿𝙸𝙴𝙽𝚃 𝙾𝙵 𝙳𝙸𝚅𝙸𝙽𝙴 𝙵𝙰𝚅𝙾𝚁.
Zij zijn degenen die weten dat ze niet op zichzelf kunnen vertrouwen, dat ze niet zelfvoorzienend zijn, en die leven als "bedelaars voor God". Ze voelen hun behoefte aan God en erkennen al het goede dat van Hem komt als een geschenk, als een genade. Zij die arm van geest zijn, koesteren wat ze ontvangen.
Nieuwe bewijsstukken wijzen erop dat het Evangelie van Matteüs oorspronkelijk een Hebreeuwse tekst was. Sterker nog, het is nu mogelijk om een groot deel van deze oorspronkelijke Hebreeuwse tekst te reconstrueren aan de hand van een bewaard gebleven manuscript.
Mattheüs 5:44 is een bijbelvers waarin Jezus oproept om je vijanden lief te hebben, te zegenen wie je vervloeken, goed te doen aan wie je haten en te bidden voor wie je misbruiken of vervolgen. Je kunt de tekst en verschillende vertalingen online nalezen op De Bijbel of de Herziene Statenvertaling.
In Matteüs 5:13-16 maakt Jezus duidelijk dat zijn leerlingen niet alleen anders zijn, maar ook zichtbaar verschil maken: als zout en licht hebben zij een onmisbare, publieke functie in de wereld, waarin hun leven en daden smaak en richting geven, niet om zichzelf te laten zien, maar zodat door hun concrete goede werken ...
Zalig die vervolgd worden om de gerechtigheid, want hun behoort het Rijk der hemelen. Zalig zijt gij wanneer men u beschimpt, vervolgt en lasterlijk van allerlei kwaad beticht om Mijnentwil 12Verheugt u en juicht, want groot is uw loon in de hemel. Zo immers hebben ze de profeten vervolgd die vóór u geleefd hebben.”
Mattheüs 5 vers 32 gaat over echtscheiding en trouw. Jezus leert hier dat scheiden niet zomaar mag, behalve bij ontrouw, en dat hertrouwen na een onterechte scheiding gevolgen heeft. Je kunt de tekst nalezen in de Bijbel in Gewone Taal.
“Gij hebt gehoord dat er gezegd is Oog om oog, tand om tand. Maar Ik zeg u geen weerstand te bieden aan het onrecht, doch als iemand u op de rechterwang slaat keert hem dan ook de andere toe. En als iemand u voor het gerecht wil dagen en uw onderkleed afnemen, laat hem dan ook het bovenkleed.
In Mattheüs 5 begint Jezus met de Bergrede, Zijn bekendste toespraak. Het hoofdstuk vormt de basis van het christelijke ethische onderwijs. Het behandelt het ware geluk (de Zaligsprekingen), de roeping van gelovigen in de wereld, en de radicale invulling van Gods wet.