Jezus had volgens de Bijbel geen kinderen. In de christelijke traditie en de historische bronnen wordt nergens vermeld dat Hij nageslacht had; Hij leidde een celibatair leven.
Nee, volgens de betrouwbare historische bronnen en de Bijbel had Jezus geen kinderen. Er is geen enkel bewijs dat hij getrouwd was of nageslacht had. Verhalen over kinderen of een huwelijk met Maria Magdalena komen uit latere boeken en films, maar kloppen niet.
De altijddurende maagdelijkheid van Maria werd ook nog door Maarten Luther en Johannes Calvijn aangehangen, maar tegenwoordig nemen veel protestantse christenen aan dat Maria en Jozef samen later ook andere kinderen hebben gehad.
Nee, volgens de officiële evangeliën in de Bijbel was Maria Magdalena niet de vrouw van Jezus. Ze wordt daarin wél beschreven als een van zijn belangrijkste en trouwste volgelingen. De gedachte dat zij zijn vrouw zou zijn, komt voort uit latere speculaties en bepaalde gnostische geschriften.
Jezus’ directe familie bestond volgens de evangeliën uit zijn moeder Maria en haar man Jozef. Daarnaast had hij vier broers (Jakobus, Jozef/Joses, Simon en Judas) en minstens twee zussen. Jakobus werd na Jezus' dood een leider van de vroege kerk in Jeruzalem.
Opvallend in dit geslachtsregister is dat er naast Jezus' moeder nog vier vrouwen genoemd worden: Tamar, Rachab, Ruth en Batseba. Deze laatste wordt in vers 6 genoemd als 'die de vrouw van Uria was'.
Adelphoi (broeders) van Jezus
Marcus 6:3 noemt Jakobus, Joses, Judas (in het Engels ook wel Jude genoemd) en Simon als de broers van Jezus, en Matteüs 13:55, dat waarschijnlijk Marcus als bron gebruikte, geeft dezelfde namen in een andere volgorde: Jakobus, Jozef, Simon en Judas.
Over het latere leven van Maria Magdalena na de opstanding van Jezus vermeldt de Bijbel niets, maar latere tradities spreken over een reis naar Frankrijk, een sterfdag in Efeze en hardnekkige misverstanden over haar identiteit. Er is geen betrouwbare historische informatie over haar verdere leven.
Lc 8, 2: Maria Magdalena wordt geïdentificeerd met de 'zondige vrouw' uit de voorafgaande perikoop (7,36-50) die Jezus' voeten natmaakt met haar tranen, ze kust, zalft en met haar haren afdroogt. Jezus zegt over haar dat haar vele zonden vergeven zijn, en dat zij grote liefde toont.
Het belangrijkste verschil is dat Maria de moeder is van Jezus, terwijl Maria Magdalena een volgeling en leerling van Jezus was. Het zijn twee heel verschillende vrouwen uit de Bijbel die toevallig dezelfde voornaam hebben.
Volgens de Bijbel hadden Jozef en Maria geen seks voor en tijdens de geboorte van Jezus, maar verschillen de meningen over de periode daarna.
Antwoord: Maria is de Moeder van God, het vleesgeworden Woord, Jezus Christus. Bijgevolg ontving Jezus zijn DNA van de Heilige Moeder, Maria, en bij uitbreiding van haar directe voorouders. Het is biologisch correct dat Maria geen Y-chromosoom kon hebben geleverd voor de conceptie van Jezus.
Vanaf de tijd van Adam tot aan de Kruisiging van Jezus Christus wordt ongeveer 4000 jaar geteld en sinds die tijd is inmiddels al weer bijna 2000 jaar verstreken. De Bijbel leert ons dat er na de wederkomst van Jezus Christus nog een Vrederijk zal komen dat 1000 jaar zal duren. Samen is dat 7000 jaar op Gods Kalender.
Ja, vrijwel alle historici en wetenschappers zijn het erover eens dat de historische Jezus echt heeft bestaan. Hoewel er geen archeologisch bewijs (zoals botten) of egodocumenten zijn, is het bestaan van de Joodse leraar afdoende bewezen door vroege onafhankelijke bronnen.
Maria Magdalena. Maria Magdalena of Maria van Magdala (Hebreeuws: מרים המגדלית, Oudgrieks: Μαρία Μαγδαληνή) was volgens het Nieuwe Testament een leerlinge van Jezus. Lucas 8:2 introduceert haar als "Maria, genaamd Magdalena" (Statenvertaling) of "Maria uit Magdala" (NBV).
Jezus is volgens de traditionele schatting ongeveer 33 jaar oud geworden. De exacte leeftijdsberekening is lastig omdat zijn precieze geboortejaar en sterfjaar niet exact vaststaan.
In Lucas is het een berouwvolle, zondige vrouw die Jezus' voeten natmaakt met haar tranen. Daarna veegt ze zijn voeten af met haar haar en zalft ze met olie. In Johannes is het Maria van Bethanië, de zus van Martha en Lazarus, die Jezus' voeten zalft met zalf uit de kruik en ze afveegt met haar haar.
Het heeft de vrouwen die als eerste naar het graf gaan, zoals de traditie toen zou zijn geweest, het heeft het lichaam dat verdwenen is en hen die het getuigen, en het heeft Jezus die als eerste aan Maria verschijnt. Als het verhaal een leugen was, zouden ze ermee begonnen zijn dat Jezus aan een discipel verscheen.
Hij wil niet dat zijn volgers zich vastklampen aan zijn lichaam, aan zijn fysieke aanwezigheid. Ze moeten wennen aan zijn geestelijke aanwezigheid, die achterblijft als hij zich bij God in de hemel voegt. Raak me niet aan!
Levenseinde. Maria Magdalena zou in Efeze gestorven zijn. Maar er wordt ook gezegd dat ze reisde naar het zuiden van Frankrijk. Daar zou ze ten oosten van Aix-en-Provence de laatste dertig jaar van haar leven doorgebracht hebben in de Grot van Sainte Baume in een bebost bergmassief.
' [16] Jezus zei: 'Maria!' Ze keerde zich nu naar Hem toe en zei: 'Rabboeni!' (Dat is het Hebreeuws voor: meester). [17] 'Houd Me niet vast', zei Jezus.
Na de geboorte van haar eerstgeborene had zij gemeenschap met haar man Jozef, en schonk bij hem aan zes kinderen het leven, die in de Heilige Schrift de (half)broers en zusters van de Heer genoemd worden: vier zonen, Jakobus, Jozef (of Joses), Simon en Juda, en twee dochters, van naam onbekend.
Ruth was het enige lid van Jezus' familie dat vanaf haar vroegste spirituele bewustwording tot aan zijn bewogen bediening, dood, opstanding en hemelvaart consequent en onwankelbaar geloofde in de goddelijkheid van zijn aardse missie; en uiteindelijk ging ze naar het hiernamaals zonder ooit...
Jakobus, ook wel 'Jakobus de Rechtvaardige' genoemd, was een broer van Jezus. Aanvankelijk geloofde hij niet in Jezus, maar na diens opstanding werd hij een vooraanstaand leider (zuil) van de vroege christelijke kerk in Jeruzalem. Ook wordt hij gezien als de schrijver van het Bijbelboek Jakobus.
Volgens de apostel Johannes geloofden zelfs zijn broers niet in hem (Johannes 7:5). Dat is ongelooflijk. Degenen die dertig jaar met Jezus hadden samengeleefd, kenden hem in werkelijkheid niet. Geen van Jezus' broers wordt genoemd als discipel tijdens zijn bediening vóór de kruisiging.