Nee, een huilerige baby betekent niet automatisch dat hij of zij autisme (ASS - autismespectrumstoornis) heeft. Veel baby's huilen veel en dit is meestal een fase of het gevolg van darmkrampjes, vermoeidheid of sprongetjes in de ontwikkeling.
Is er een verband tussen een huilbaby en autisme? Kinderen met ASS (autismespectrumstoornis) verwerken prikkels anders. Ze kunnen als baby al gevoeliger reageren op prikkels, moeite hebben met in slaap komen of om in een dag- en nachtritme te komen en veel huilen.
Veel kinderen met autisme hebben problemen met slapen. Hun eigen gedachten houden hen wakker, ze kunnen moelijker schakelen tussen 'slapen' en 'waken' of vinden het soms zelfs een beetje eng om in slaap te 'vallen'. Andere kinderen zijn erg vroeg wakker of juist ware nachtbrakers en slapen niet vóór middernacht.
Kenmerken die vaak in verband worden gebracht met autisme zijn:
Vroege waarschuwingssignalen van ASS zijn onder andere het ontbreken van sociale gebaren op 12 maanden, het niet gebruiken van betekenisvolle losse woorden op 18 maanden en het niet hebben van interesse in andere kinderen of het niet spontaan gebruiken van tweewoordzinnen op 24 maanden.
Vanaf 24 maanden kan een diagnose autisme gesteld worden. Belangrijker is misschien wel dat ouders die zich zorgen maken hulp krijgen, ongeacht een eventuele diagnose. Het is ontzettend belangrijk dat jullie je gehoord voelen en weten waar jullie terecht kunnen voor hulp.
Kinderen met autisme kunnen zelfkalmerende technieken aanleren om zelfstandig in slaap te vallen en weer in slaap te komen als ze 's nachts wakker worden. Technieken kunnen bestaan uit diepe ademhalingsoefeningen, progressieve spierontspanning of het gebruiken van een favoriete knuffel of deken als troost.
Kinderen met autisme zijn soms overgevoelig voor prikkels in de omgeving. Ze worden dan overspoeld door de geluiden, kleuren of bewegingen. Een rustige omgeving, met weinig geluiden, spullen of decoraties, kan dan helpen.
Ze lijken overdreven kieskeurig of moeilijk te kalmeren. Kinderen met een verhoogd risico op autisme huilen of hebben vaker driftbuien dan andere kinderen. Ze kunnen ook zonder duidelijke aanleiding beginnen te huilen of te zeuren en/of niet te kalmeren zijn met gebruikelijke kalmeringsmethoden.
Is autisme erfelijk? Als uw vader of moeder autisme heeft, is de kans dat u ook autisme krijgt ongeveer 15 tot 20%. Als twee mensen uit uw gezin deze psy chische aandoening hebben, is de kans dat u het krijgt 40%. Ter vergelijking: heeft u deze aandoening niet in de familie, dan is de kans op autisme ongeveer 1%.
De 'zessecondenregel' is een communicatiestrategie die wordt gebruikt om mensen met autisme te ondersteunen door hen extra verwerkingstijd te geven nadat een vraag is gesteld. In plaats van een onmiddellijk antwoord te verwachten, pauzeert iemand die de regel toepast ongeveer zes seconden na het stellen van een vraag, alvorens deze te herhalen of verder te gaan.
Concreet heeft 50 tot 80% van de autistische kinderen problemen met inslapen, een kortere slaapduur en frequent wakker worden 's nachts 1, 2, vergeleken met 10 tot 30% van de neurotypische kinderen.
Ze vinden het bijvoorbeeld moeilijk om oogcontact, gezichtsuitdrukkingen en gebaren te interpreteren. Ook het kunnen inleven in anderen is erg lastig. Daarnaast is vaak sprake van specifieke interesses en repetitieve bewegingen. Baby's met autisme spelen bijvoorbeeld vooral met één speeltje of doen steeds hetzelfde.
De 5-3-3-regel is een manier om om te gaan met nachtelijk wakker worden tijdens de slaaptraining. Als je baby huilt, wacht dan vijf minuten voordat je gaat kijken, vervolgens drie minuten als hij of zij weer wakker wordt, en nog eens drie minuten als dat nodig is. Deze geleidelijke aanpak stimuleert zelfkalmering, terwijl je je baby toch gerust kunt stellen.
Belemmering in sociale interactie:
Gebrek aan passend oogcontact. Gebrek aan warme, vrolijke uitdrukkingen. Gebrek aan gedeelde interesse of plezier. Geen reactie op de naam.
Wat is de 10-secondenregel voor autisme? De 10-secondenregel moedigt volwassenen aan om even te pauzeren voordat ze iets vragen of ingrijpen. Door een kind extra tijd te geven om dingen te verwerken, kan het zelfstandig reageren. Deze aanpak bevordert zelfvertrouwen, communicatie en leervermogen zonder het kind te overhaasten.
Als je merkt dat je kind je weinig aankijkt, niet graag knuffelt, laat begint met praten, weinig interesse toont in anderen en weinig behoefte heeft om dingen te delen of samen te doen, kan dit wijzen op autisme. Ook kan je kind gevoeliger of juist minder gevoelig zijn voor prikkels zoals licht, geluid of pijn.
Autisme bij jonge kinderen
Oogcontact vermijden. Niet glimlachen als je naar hen glimlacht. Erg boos worden als ze een bepaalde smaak, geur of geluid niet lekker vinden. Herhaalde bewegingen, zoals met hun handen flapperen, met hun vingers tikken of met hun lichaam wiebelen.