Longkanker op jonge leeftijd ontstaat meestal door genetische mutaties (pechfactor), roken of erfelijke aanleg. Hoewel de ziekte zeldzaam is onder de 45 jaar, spelen specifieke factoren vaak een grote rol.
Beginnende longkanker voelt vaak onopvallend en vaag. Veelvoorkomende vroege signalen zijn een hardnekkige prikkelhoest die niet overgaat, onverklaarbare vermoeidheid, kortademigheid, een zeurende pijn in de borst, rug of schouders, en soms een beetje bloed in het opgehoeste slijm.
Meeroken, luchtvervuiling, het inademen van fijnstof of stofdeeltjes met radon of het werken met schadelijke stoffen, kunnen ook longkanker veroorzaken. Door het langdurig inademen van schadelijke stoffen verandert het genetische materiaal van de cellen in de longen.
Er is niet één oorzaak van longkanker. Wel zijn er factoren die het risico op longkanker groter maken. De belangrijkste is roken. Maar ook mensen die nooit hebben gerookt kunnen longkanker krijgen.
Symptomen van longkanker op jonge leeftijd zijn vaak gelijk aan die bij ouderen, met als belangrijkste kenmerken een aanhoudende hoest, kortademigheid en pijn op de borst. Omdat longkanker bij jonge mensen zeldzaam is, worden vage klachten zoals vermoeidheid of een hardnekkige hoest vaak eerst aan andere oorzaken toegeschreven, wat de diagnose kan vertragen.
De duur van leven hangt met name af van respons op de behandeling (hoe goed de kanker op de behandeling reageert) en of er complicaties ontstaan. Dit resulteert bij sommige mensen in een duur van leven van een aantal weken/paar maanden en bij andere in meerdere maanden of jaren van leven.
Pijn bij longkanker zit meestal op de borst, in de rug of bij de schouders. Deze pijn ontstaat vaak doordat een tumor drukt op of groeit in het longvlies, de borstkaswand of door uitzaaiingen.
Veruit de meeste gevallen van longkanker zijn het gevolg van het roken van sigaretten, een pijp of sigaren. Hoe meer en hoe langer iemand heeft gerookt, des te groter is de kans op longkanker. Meeroken verhoogt ook de kans op longkanker.
De kans op longkanker als je nooit hebt gerookt is erg klein: ongeveer 2% (ongeveer 1 op de 50 mensen). Ter vergelijking: bij rokers ligt dit percentage rond de 15%.
De meest effectieve manier om mensen te beschermen tegen longkanker is om te voorkomen dat ze gaan roken en te stimuleren dat mensen die roken stoppen of minderen. Als mensen stoppen met roken is het risico op longkanker na 10 of 15 jaar gehalveerd.
Longkanker bij jonge mensen zoals Freek Rikkerink (32) is erg zeldzaam. Jaarlijks krijgen gemiddeld acht Nederlandse mannen tussen de 30 en 34 jaar de diagnose. Doordat er aanvankelijk weinig symptomen zijn, wordt de ziekte vaak pas laat ontdekt.
Longkanker voelt in het begin vaak als een langdurige prikkelhoest, een constant gevoel van vermoeidheid, en vage pijn op de borst. In een vroeg stadium merk je er vaak weinig van, maar na verloop van tijd ontstaan er duidelijke lichamelijke klachten.
Stoppen met roken, veilig de zon in, gezond eten, minder alcohol en genoeg bewegen bijvoorbeeld.
Longkanker is in bepaalde gevallen direct of indirect zichtbaar in het bloed, al is een bloedtest op zichzelf niet voldoende voor een definitieve diagnose. Meestal is een combinatie van beeldvormend onderzoek (zoals een CT-scan) en weefselonderzoek (biopsie) nodig.
De tien belangrijkste alarmsignalen die op kanker kunnen wijzen zijn slikklachten, een knobbeltje in het lichaam en onverklaarbaar gewichtsverlies. Als klachten langer dan twee weken aanhouden, is het verstandig om de huisarts te raadplegen. Meer informatie en een zelfcheck zijn te vinden bij KWF Kankerbestrijding.
Stadium 1 (a1-3 of b): Er is alleen een kleine tumor in de long (max 4 cm). Stadium 2a: De tumor is iets groter (max 5 cm). Stadium 2b: De tumor is nog iets groter (max 7 cm) en/of er kunnen kankercellen aanwezig zijn in de lymfeklieren van de long waar de tumor zit.
Longkanker begint vaak met vage, onopvallende klachten die lijken op een verkoudheid of griep. De meest voorkomende eerste symptomen zijn een aanhoudende (prikkel)hoest, bloed of meer slijm ophoesten, kortademigheid, heesheid, of zeurende pijn in de borst, rug of schouder.
Longkanker kan worden behandeld via chemotherapie, doelgerichte therapie, immuuntherapie, een operatie en/of bestraling. Dat is onder meer afhankelijk van het stadium. Mede door de ontwikkelingen binnen de immuuntherapie is de verwachting dat er de komende jaren grote stappen gemaakt kunnen worden in de behandeling.
De levensverwachting bij longkanker hangt sterk af van het soort longkanker, het stadium bij de diagnose en specifieke DNA-kenmerken:
De ziekte komt ook voor bij mensen die nooit hebben gerookt. Hierbij is longkanker ontstaan door een spontane verandering in de cellen. Meeroken, luchtvervuiling, het inademen van fijnstof of stofdeeltjes met radon of het werken met schadelijke stoffen, kunnen ook longkanker veroorzaken.
Ja, Martijn Krabbé heeft in het verleden gerookt. Hij heeft in een interview met het magazine LINDA. laten weten dat roken (samen met drinken en drugs) onderdeel was van zijn jeugd. Hij heeft echter benadrukt dat dit al in een ver verleden ligt en dat hij al minstens vijftien jaar gestopt was met roken.
Rokers sterven gemiddeld 10 tot 13 jaar eerder dan niet-rokers. Voor zware rokers kan dit oplopen tot 13 jaar, terwijl matige rokers gemiddeld 5 tot 10 jaar inleveren. Gemiddeld kost elke gerookte sigaret je ongeveer 20 minuten aan levensverwachting.
De vroege voortekenen van longkanker zijn vaak mild en onscherp, waarbij een aanhoudende prikkelhoest, kortademigheid en bloed in het opgehoeste slijm de belangrijkste waarschuwingssignalen zijn. In het begin denken mensen vaak aan een gewone verkoudheid of een andere luchtweginfectie, waardoor de ziekte in een vroeg stadium niet altijd meteen wordt herkend.
'Stress veroorzaakt geen kanker, daar hoeven patiënten zich niet schuldig over te voelen. ' Dat meldt de Rijksuniversiteit Groningen in een persbericht op 19 april. Een Nederlands onderzoek waarbij 420.000 mensen werden opgevolgd, vindt geen oorzakelijk verband tussen stress en kanker.
Bij longkanker sterven patiënten vaak doordat de tumor of uitzaaiingen vitale functies overnemen of verstoren. Meestal verloopt dit via een geleidelijk proces van toenemende kortademigheid, algehele zwakte en orgaanfalen. De doodsoorzaak is vaak ademhalingsstilstand of hartstilstand.