Henoch staat vooral bekend om het feit dat hij "met God wandelde", zijn plotselinge hemelopname zonder te sterven, en de mysterieuze boeken die zijn naam dragen.
Volgens het Bijbelboek Genesis leefde er in de oertijd een man die met God wandelde. Zijn naam was Henoch. Het leven van deze oervader eindigde even abrupt als het was begonnen. We lezen daarover: “Toen was hij er niet meer; jazeker, God heeft hem weggenomen” (Gen 5:24).
Het boek Henoch, met name 1 Henoch, spreekt over een figuur die wordt aangeduid als de "Zoon des Mensen", de "Uitverkorene" en de "Rechtvaardige", termen die christenen later identificeerden met Jezus Christus.
Henochs profetie
Voor zulke mensen heeft Henoch een profetie, een boodschap die hij namens God brengt. Daarmee is hij de eerste profeet in de Bijbel. Zijn profetie luidt: 'Zie, de Heer is gekomen te midden van zijn heilige tienduizenden, om oordeel uit te oefenen…' (Judas:14). Dit is typisch profetie!
Boeken van Henoch
Er zijn drie Joodse geschriften met visioenen die op naam staan van Henoch (Judas 1:14). Deze drie geschriften staan bekend als 1, 2 en 3 Henoch, en zijn geschreven rond het begin van de jaartelling. Fragmenten van het eerste boek Henoch zijn onder andere bewaard gebleven in de grotten van Qumran.
Henoch “werd weggenomen, zodat hij de dood niet zou zien ” (Hebreeën 11:5), wat betekent dat hij werd weggehaald uit een gewelddadige samenleving (Genesis 6:13) waar hij waarschijnlijk (net als Abel) gedood zou zijn door anderen die jaloers en boos op hem waren vanwege zijn rechtvaardigheid en zegeningen.
Mijn vraag waarom zijn deze boeken niet kanoniek? De bijbel verwijst naar deze boeken? dat hij dat heeft ontleend aan een of ander boek. (b) dat een lezer van de brief van Judas gedacht heeft: Henoch moet geprofeteerd hebben en dat deze het Boek Henoch heeft samengesteld of 'gefantaseerd' heeft.
De inleidende zin "Henoch, de zevende van Adam" komt ook voor in 1 Henoch (1 Henoch 60:8), maar niet in het Oude Testament. In het Nieuwe Testament profeteert deze Henoch "tot" goddeloze mensen, dat God met zijn heiligen zal komen om hen te oordelen en te veroordelen (Judas 1:14-15).
Het leven van Henoch wordt beschreven in Genesis 5:18-24. Hij was 65 toen hij Metusalem verwekte. Daarna kreeg hij meer zonen en dochters.
Een van die aanvullingen staat bekend als de Gelijkenissen van Henoch, dateert van na 40 v. Chr. en bevat visioenachtige profetieën waarin Henoch een wezen aanschouwt dat hij op verschillende manieren aanduidt, zoals de Uitverkorene, de Gezalfde of de Mensenzoon.
De Naam in de Bijbel: De persoonlijke naam van God in de Hebreeuwse Bijbel wordt weergegeven door vier Hebreeuwse medeklinkers יהוה, bekend als het Tetragrammaton. Deze naam komt bijna 7000 keer voor in de Hebreeuwse Geschriften – veel vaker dan welke andere naam of titel dan ook.
Pseudepigrafische geschriften. Iemand in de periode van de Tweede Tempel, een paar honderd jaar voor Jezus, zou het boek Henoch hebben geschreven onder de naam van Henoch als auteur. Geleerden geloven niet dat Henoch zelf het boek Henoch heeft geschreven.
De "Zoon des Mensen" wordt geïdentificeerd met Henoch. De tekst impliceert dat Henoch eerder in de hemel op de troon zat. Hoofdstukken 70-71 lijken passages eerder in de gelijkenis tegen te spreken, waar de Zoon des Mensen een aparte entiteit is. De gelijkenis schakelt ook over van de derde persoon enkelvoud naar de eerste persoon enkelvoud.
De Heer Jezus Christus vroeg Henoch om de mensen op te roepen zich te bekeren. Maar Henoch dacht dat hij niet goed kon spreken. Hij vreesde dat de mensen niet naar hem zouden luisteren. De Heer beloofde Henoch kracht en bescherming te geven, ook al waren sommige mensen het niet eens met wat Henoch leerde.
Henoch leefde vijfenzestig jaar, en verwekte Methusalach. En Henoch wandelde met God, nadat hij Methusalach verwekt had, driehonderd jaar; en hij verwekte zonen en dochters. Al de dagen van Henoch waren driehonderdvijfenzestig jaar. Henoch wandelde met God, en hij was niet meer, want God nam hem weg.
Deze stamboom toont de twee mannen met de naam Henoch in de lijn van Adam en Eva. Henoch, de zoon van Kaïn en kleinzoon van Adam (zie Mozes 5), is anders dan Henoch, de zoon van Jared, die zes generaties na Adam leefde en de stad Zion bouwde (zie Mozes 6-7).
De term vrouw van god kan verwijzen naar de godin Asjera uit de vroege theologiegeschiedenis, naar een vrome vrouw die leeft volgens het geloof, of in overdrachtelijke zin naar concepten zoals wijsheid (Sophia).
Adam en Eva hebben 5 kinderen,: Kaïn, Awan, Abel, Seth en Azura. Hij leefde in Eden. Adam is belangrijk in de bijbel omdat hij de mens heeft 'voortgebracht'. God maakte Adam uit aarde en blies hem levensadem in de neus.
De kinderen van Kaïn
Hij noemde die stad ook Henoch, net zoals zijn zoon heette. Henoch kreeg een zoon, Irad. Dat was de vader van Mechujaël, en die was de vader van Metusaël, en die was weer de vader van Lamech. Lamech had twee vrouwen.
Jezus Christus zelf heeft "Mozes en de profeten" bevestigd, en het boek Henoch maakte in de eerste eeuw geen deel uit van de Hebreeuwse canon van de Schrift die Jezus bevestigde. Paul Macabee, dat klopt, het is door de meeste christenen en rabbijnse joden nooit als goddelijk geïnspireerd beschouwd.
Henoch. In Genesis 5:18-24 wordt een "Henoch" genoemd. Hij behoorde tot de zevende generatie vanaf Adam, inclusief de telling.
Het mysterie van Henoch: Judas 1:14-15. In deze verzen citeert Judas uit het boek Henoch. Hij leefde vóór de zondvloed van Noach. Het verhaal van Henoch is opgetekend in Genesis 5:21-24.
Volgens een bekende volkswijsheid staat de zin "wees niet bang" (of "vrees niet") precies 365 keer in de Bijbel: één keer voor elke dag van het jaar. Instagram
Deze apocriefe boeken vormden het einde van het Oude Testament en omvatten de volgende boeken: • 1 Esdras • 2 Esdras • Tobit • Judith • De rest van Esther • De Wijsheid van Salomo • Ecclesiasticus • Baruch met de brief Jeremia • De liederen van de drie heilige kinderen • De geschiedenis van Susanna • Bel en de draak • De ...
Boeken die de Bijbel niet hebben gehaald zijn de apocriefe boeken en vroege christelijke geschriften, zoals het Evangelie van Thomas, het Boek van Henoch en het Evangelie van Petrus. Deze teksten werden om verschillende redenen niet opgenomen toen de officiële lijst van bijbelboeken (de canon) in de vroege kerk werd vastgesteld.